“Mijn eerste versies zijn altijd bagger”

9-april-2016 | Categorie: Interview

Judith Visser persfoto (2)Judith Visser werd in 1978 te Rotterdam geboren. In 2006 verscheen haar debuutthriller Tegengif, het werd meteen een succes en haalde vele herdrukken. Met het boek won ze in 2007 de Prijs voor het beste Rotterdamse boek. In 2008 schreef ze het Rotterdamse Leescadeau Ysabella dat in een oplage van 40.000 exemplaren in Rotterdam is verspreid. De thriller Stuk die ze in 2008 schreef, werd in 2009 genomineerd voor de Gouden Strop. In 2009 werd Judith opgenomen in de Viva 400, een lijst met meest inspirerende vrouwen in Nederland. In 2009 werd Oversteken uitgeroepen tot Beste vrouwenthriller van het jaar. In 2013 werd haar boek Stuk verfilmd door regisseur Steven de Jong. Judith had een cameo in de film. Dit jaar heeft Judith Visser de overstap gemaakt naar romans. Haar boek In Seizoenen is een aangrijpend verhaal over ‘uitbehandeld’ zijn.

Uit wat voor gezin kom je? Werd lezen gestimuleerd?

Ik kom uit een arbeidersgezin en ben opgegroeid in Rotterdam Zuid. Mijn vader was postbode, mijn moeder was huisvrouw. Ik heb een oudere broer. Toen ik twee was kreeg ik een hond, zij was in mijn jeugd mijn beste vriendin. Toen ik tien was, ging mijn moeder in een winkel werken, later schilderde ze in opdracht portretten van huisdieren. Een deel van de opbrengst daarvan schonk ze altijd aan een goed doel. Mijn vader en broer lazen niet, maar mijn moeder wel. Zij heeft mij al op mijn derde leren lezen en schrijven! Dat vond ik geweldig.

Was je als kind een lezer en had je toen al in je hoofd dat je schrijver wilde worden?

Ik las heel erg veel, maar zelf schrijver worden kwam toen nog niet in me op. Ik schreef wel, maar ik kon me niet voorstellen dat ik het ooit aan iemand zou laten lezen. Ik hield alles geheim.

Welke boeken waren favoriet in je jeugd?

Alle boeken van Enid Blyton, en vooral de Famous Five-serie. Ik verbeeldde me graag dat ik George was, die een hond had en nergens bang voor was.
Vanaf een jaar of tien begon ik met het lezen van Engelstalige romans. Het eerste boek dat ik toen las was The Picture of Dorian Gray. Ik vond het prachtig.

Heeft het verplicht lezen op de middelbare school je ontmoedigd? Vind je dat er meer en makkelijker boeken op de middelbare school mogen worden gelezen?

Wij hadden best veel vrijheid met betrekking tot de boeken die we moesten lezen. Er was veel keuze. Dus mij heeft het niet ontmoedigd. De boeken die voor Engels op de lijst stonden had ik in de loop der jaren al bijna allemaal gelezen. Sommige Nederlandse boeken maakten indruk op me, zoals Het verrotte leven van Floortje Bloem. Wat het plezier bedierf was dat je uittreksels moest schrijven en allerlei vragen over het werk moest beantwoorden. Dat vond ik irritant. Ik denk dat het lezen zelf geen straf is voor scholieren, maar meer de vervelende werkstukken die je er daarna van moet maken.
Om jouw tweede vraag te beantwoorden: ja, het zou fijn zij als scholieren meer vrijheid kregen in het kiezen van de boeken die ze willen lezen. Er is op die leeftijd al zo veel ‘verplicht’, zo’n stoffige literatuurlijst is niet meer van deze tijd. Lezen moet aantrekkelijk gemaakt worden. Ik denk dat een enthousiaste docent hier ook een grote rol in kan spelen.

Hoe ziet een werkdag van jou eruit? Heb je vaste schrijftijden en een vaste schrijfplek?

Ik loop ’s ochtends eerst een paar uur met mijn honden door het bos. Daarna ga ik schrijven. Dat doe ik in de woonkamer, op de bank, met mijn honden aan weerszijden naast me. Ik schrijf met de hand, in schriften. Tussendoor eet ik veel. Daarna loop ik aan het eind van de middag weer een paar uur buiten, en soms ga ik ’s avonds ook nog even door.

We zijn altijd benieuwd hoe een schrijver te werk gaat. Maak je een schema en houd je je daar aan of werk je organisch met enkele vaste punten die je van tevoren noteert?

Toen ik nog thrillers schreef, maakte ik wel een soort schema. Het is belangrijk om de spanning goed te doseren. Maar met een roman is het anders. Het gaat nu meer om het gevoel dat ik wil overbrengen. En dat gevoel is er altijd. Het is vooral een kwestie van nadenken hoe ik dat het beste onder woorden kan brengen.
Wel ben ik een echte herschrijver, mijn eerste versies zijn altijd bagger. Ik schrap ontzettend veel. Wat er daarna over blijft is precies goed.

In seizoenen is je eerste roman na een reeks psychologische thrillers. Is dit een afscheid van de thrillers of een uitstapje?

Ik kan niet in de toekomst kijken, maar vooralsnog is het inderdaad een afscheid van thrillers. Na tien thrillers vond ik het best. Er verschijnen heel erg veel spannende boeken, ik had op een gegeven moment niet het gevoel dat ik daar zelf nog echt iets aan kon toevoegen. Met mijn romans heb ik dat wel. Ik probeer nu boeken te schrijven die alleen ík kan vertellen. Verhalen die dicht bij mezelf staan, in mijn volgende boek nog meer dan in In seizoenen. Het voelt bijzonder om bepaalde dingen te kunnen delen. Ik heb lang gedacht dat nooit te zullen doen, maar nu voelt het goed.

Vragen over In seizoenen:

Ik heb begrepen dat je je persoonlijke ervaring in dit verhaal hebt verwerkt, maakt dit het schrijven van het verhaal makkelijker omdat het dichter bij je staat of juist niet

Ik zou nooit zo intens over een dergelijk thema hebben kunnen schrijven als ik het niet zelf van heel dichtbij had meegemaakt. Dan zou het blijven bij ‘gissen’ naar hoe zoiets moet voelen, en daar vind ik dit onderwerp te heftig voor.

Het verhaal gaat over houden van en loslaten. Was het voor jou eenvoudig om dit verhaal los te laten?

Wat mij altijd helpt bij het ‘loslaten’ van een boek is me te richten op het volgende boek, het volgende project. Ik houd ervan om vooruit te kijken. Maar ik voel me nog altijd sterk verbonden met In seizoenen, dat zal voorlopig nog wel zo blijven. Ik vind het fijn als mensen het lezen, en ik vind het jammer als het niet in de winkels ligt. Maar als ik te lang bij het boek blijf stilstaan word ik onzeker, omdat ik dan allemaal dingen bedenk die ik liever anders had geschreven. Ik probeer mezelf voortdurend te verbeteren, en om die reden vind ik het lastig om terug te denken aan reeds geschreven boeken. Elk boek is het beste van waar ik op dat moment toe in staat was, maar in retrospectief is het nooit goed genoeg.

De zoon in het verhaal kon ik in het begin waarderen om zijn liefde voor zijn moeder ook al was het soms zeer beklemmend en obsessief. Dit obsessieve gedrag naar zijn oude liefde en hoe fout hij bezig is maakte echter dat ik tenenkrommend op de bank zat te lezen en ik geen sympathie meer voor hem op kon brengen. Eigenlijk wilde ik hem even flink door elkaar schudden. Hoe is het om zo’n persoon op papier te zetten?

David -de zoon- is ontstaan omdat ik een volledig fictief personage nodig had in dit verhaal. Annabel –de moeder- is gebaseerd op mijn eigen moeder, en om vergelijkingen met mezelf te voorkomen heb ik ervoor gekozen om het boek te schrijven vanuit een zoon in plaats van een dochter. Davids obsessieve gedachtegangen tonen aan dat hij moeite heeft de waarheid onder ogen te zien. Hij vlucht in een soort droomwereld. Sommige dingen die hij doet zijn nooit goed te praten. Maar wat ik als schrijver fascinerend vond was om het op zo’n manier te op papier te zetten dat David zélf niet inziet dat hij verkeerd bezig is. Het geloofwaardig maken van zijn hersenkronkels was een interessant onderdeel van het schrijven.

De boosheid over de behandeling die Annabel en met name haar zoon David hebben naar de kliniek toe is begrijpelijk. Dat ze uitwijken naar een andere kliniek is ook te begrijpen. Is je verhaal ook een aanklacht naar de medische misstanden of is dit een puur fictief gegeven?

Het complete ziekteproces van Annabel, inclusief de situaties met betrekking tot de Daniël den Hoed-kliniek, is waarheidsgetrouw. Het is niet bedoeld als aanklacht. Zo is het gewoon gegaan, ik heb het niet mooier gemaakt dan het is. Sterker nog, ik heb sommige dingen juist wat afgezwakt. De manier waarop mijn moeder in Rotterdam behandeld is, is onmenselijk. Hoe anders was dat in België, waar iedereen zo hartelijk was. Daar voelde ze zich, ondanks de droevige situatie, echt op haar gemak.
Wat het protocol betreft: ik hoop dat mijn boek eraan kan bijdragen dat patiënten wat vaker aandringen op een scan. De controles die mijn moeder onderging verliepen met het blote oog, waardoor de arts dus nooit heeft kunnen zien was wat zich binnenin haar lichaam allemaal afspeelde. Als we dat eerder hadden geweten…

Vragen: Conny Schelvis en Pieter Feller

Pin It

Comments are closed.

Boek van de Week

Prachtige kunstwerken van steen

Categorie: Boek van de week, Prentenboek Steen voor steen – Tekst van Margriet Ruurs – Vertaling van Linda Jansma – Illustraties van Nazir Ali Badr – Uitgeverij Callenbach Steen voor steen van Margriet Ruurs en Nizar Ali Badr vertelt het verhaal…

Boek van de week archief
11-december-2017 | Lees verder | Reageer!