Boekenweek 2014 – Curaçao als hogedrukpan, met de schrijfster op reis

11-maart-2014 | Categorie: Jeugdboeken, Reisverhalen

SalsameisjeElk jeugdboek dat ik schreef was een avontuur, meestal in mezelf. Maar voor Salsafamke ging ik echt op reis: naar Curaçao. Een reis en een boek om nooit te vergeten. Freya is de hoofdpersoon van Salsafamke. Een 14-jarige puber die onzeker in het leven staat. Tot ze met haar broertje en haar ouders drie weken naar Curaçao gaat, waar haar grote broer Roelof stage loopt. Als ze kennismaakt met Guido, een vriend van Roelof, is ze zwaar onder de indruk. Naarmate ze hem beter leert kennen omdat ze bijna avond aan avond de salsa met hem danst, wordt haar verliefdheid heftiger. Ze denkt dat hij ook gek op haar is en heeft er alles voor over om hem zover te krijgen dat het een serieuze relatie wordt. Als het haar niet snel genoeg gaat, bedenkt ze een list zodat hij weinig keus heeft.

Dit zwoele salsaverhaal met een vleugje seks wordt afgewisseld met de periode na Curaçao. Als Freya eenmaal thuisgekomen vermoedt dat ze zwanger is. Thuis durft ze het niet te vertellen en uiteindelijk klopt ze bij haar oma aan. Die begeleidt haar tijdens de zware weken die volgen. Want Freya is vastbesloten dat het weg moet. Met oma gaat ze naar de huisarts, naar het Fiom (dat bestond toen nog) en naar de abortuskliniek. Toch blijkt het daarna nog niet afgelopen te zijn.
Dit boek is uitgekomen in het Fries; in 2010 kreeg ik er de Simke Kloostermanpriis voor, de driejaarlijkse prijs voor het beste Friestalige kinder- of jeugdboek. In het Nederlands kwam het ook uit, maar lang lag het niet in de winkels omdat de uitgever failliet ging.

In het najaar van 2004 ging ik voor het eerst naar Curaçao omdat de oudste zoon er stage liep. Het werd een heftige week. Het was wennen aan alles: de enorme, vochtige hitte, alsof je warme dweilen om je oren kreeg, de warme wind en de constante levendigheid. Natuurlijk wilden we zoveel mogelijk zien en als mijn zoon vrij had, reed hij ons over het eiland. Het zou een fantastische week zijn, als ik een goede hotelkamer had gehad. Maar door constante lekkage en een overijverige airco was het verblijf op mijn kamer geen pretje. Dagelijks had ik de technische dienst over de vloer. De derde dag had ik er zo genoeg van dat ik een woeste mail naar het hotel schreef. Een mail waar ik nog veel plezier van zou krijgen.
Was het buiten overdag bijna niet uit te harden van de vochtige hitte, zelfs de Antillianen klaagden erover, de avonden waren heerlijk. Op zo’n avond kwam de zoon met een paar stagiaires naar ons hotel omdat ze hadden gehoord dat je er salsa kon dansen. Dat bleek op het terras te zijn.
Salsameisje:
De nacht is gevallen over Willemstad, Curaçao. Zwartblauw is de hemel. Fel rood, geel en blauw schijnen de lichtjes op de fortmuur. De straatlantaarns kleuren het pleintje onder het terras oranje. De pontjesbrug, met de verlichte boogjes, is duidelijk herkenbaar.
Hoog over de Julianabrug rijden auto’s af en aan. Aan de overkant van de Annabaai lichten de puntjes van de gevels wit op.
Op het terras, met bovenstaand uitzicht, oefende een groep de salsa. De combinatie van jonge mensen, opzwepende muziek en een fantastisch uitzicht maakte het tot een van de indrukwekkendste ervaringen van die week. Toen ik dat zag, wist ik dat ik terug zou komen. Ik legde de link naar het jeugdboek waar ik mee worstelde. Dat zou gaan over een liefde tussen een jong meisje en een oudere jongeman. Curaçao werkte als een hogedrukpan en dat had ik nodig.

De volgende zomervakantie verbleef ik vijf weken in dat hotel. De eerste twee weken alleen. Avond aan avond keek ik naar de salsa, legde contact met de jongeren en hun docent, en maakte veel aantekeningen. De salsagroep studeerde een dans in voor koningin Beatrix die de week daarna naar het eiland kwam. Overdag ging ik er op uit om mensen te spreken en de sfeer te beleven voor mijn boek.
Toen schoonzus arriveerde, gingen we er ook ‘s avonds op uit. Bijvoorbeeld naar Kontiki Beach, Mambo Beach en Wet & Wild waar zondagsavonds de stagiaires bijeenkwamen op het strand om daar de week uit te dansen. Terwijl de bassen beukten en de golven zacht ruisten, verlichtten de discolampen af en toe mijn aantekeningen die ik als een razende maakte.
Salsafamke:
‘Dit is mijn zus.’ Roelof brulde naar een groep die zich enthousiast op de muziek liet gaan. Freya gaf hier en daar een hand. Ze hoorde namen, zag gezichten, maar was alles direct weer vergeten. Het was zo overweldigend! Ze dansten onder de blote hemel, de sterren schitterden tussen de discolampen en als de muziek zachter werd, hoorde ze het ruisen van de zee. Ze voelde hoe de wind haar door haar haar streek.
‘Geweldig, vind je niet?’ schreeuwde hij in haar oor.
Ze knikte heftig, het was geweldig en fantastisch! Ze wist het zeker. Dit zou ze nooit meer vergeten.

Hanneke de Jong

Pin It

Comments are closed.

Boek van de Week

Bijzonder oorlogsverhaal

Categorie: Boek van de week, Jeugdboeken

Ons kasteel aan zee – Lucy Strange – Vertaling Aleid van Eekelen – Benders – Gottmer – 325 blz. Lucy Strange werkte als actrice, zangeres en verhalenverteller voordat ze les ging geven op een middelbare…

Boek van de week archief

2-april-2020 | Lees verder | Reageer!