De snelkookpannen van vooruitgang en beschaving

Metropolis – Ben Wilson – vertaling: George Pape – Uitgeverij Unieboek / Het Spectrum – 544 blz.

Iedere dag neemt de stadsbevolking in de wereld met 200.000 personen toe. In 2050 zal twee derde van de mensheid in steden wonen. Aan het eind van deze eeuw zullen we een verstedelijkte mensensoort zijn geworden. Steden oefenen al van oudsher een grote aantrekkingskracht uit op de mens. Ze bieden mogelijkheden om de kost te verdienen die elders niet voorhanden zijn. Maar vooral zijn het plaatsen waar de vindingrijkheid en de ondernemingsgeest zich bij uitstek manifesteren, soms in een ogenschijnlijke chaos en in omstandigheden die het uiterste vragen van de mens. Steden zijn de cruciale katalysator geweest voor de ideeën en uitvindingen die de mensheid hebben gemaakt tot wat het nu is. De Engelse historicus Ben Wilson toont in zijn goed onderbouwd en gevarieerd boek Metropolis aan hoe de mens zesduizend jaar lang heeft geëxperimenteerd met manieren om in de stedelijke maalstroom te kunnen leven.

Wilson biedt in veertien hoofdstukken een overzicht van de markantste steden doorheen de geschiedenis. De auteur is een zeer groot pleitbezorger van de voordelen van een stad. Toch wijst hij er op dat doorheen de geschiedenis steden soms als verderfelijke oorden werden beschouwd. Zo staat in het Bijbelse boek Genesis een stad als Babylon symbool voor hoogmoed, corruptie, chaos en gebrek aan samenhang. De negentiende-eeuwse industriesteden Manchester en Chicago worden door de auteur als poorten van de hel omschreven waar dronkenschap, misdaad en prostitutie welig tierden en de levensverwachting zeer laag was. Maar tegelijk hebben denkers als Plato en Thomas More of ontwerpers als Da Vinci, Wren of Le Corbusier altijd gedroomd van de ideale stad. Een stad gebouwd op de juiste manier zou ook het karakter van de mens vervolmaken en er betere mensen van maken. Wilson beschrijft de zogenaamde Harappacultuur in de Indusvallei die bloeide tussen 2500 en 1900 v.C. De steden kenden geen paleizen en tempels maar wel veel maatschappelijke gebouwen zoals graanschuren, opslagplaatsen, vergaderzalen, badhuizen, markthallen enz. Slavernij kwam er (vermoedelijk) niet voor en er zijn geen directe aanwijzingen van een sterk gelaagde maatschappij. Er werden geen oorlogen gevoerd. De huizen waren voorzien van toiletten, de straten van riolering.

Bij iedere stad benadrukt de auteur een of meerdere specifieke aspecten van de stedelijke omgeving. Bij de stad Rome staat het belang van badhuizen centraal. Het waren de plaatsen bij uitstek om zaken te doen, over politiek te praten, te netwerken en te roddelen. Tussendoor weidt hij uit over het belang van een verfrissende duik in modernere tijden zoals blijkt uit de aanleg van enorme openluchtzwembaden in de armste wijken van New York in de jaren dertig. Zijn soms zeer lange en niet altijd even interessante uitweidingen hebben trouwens dikwijls betrekking op de Angelsaksische wereld. Wat badhuizen waren in het oude Rome waren de koffiehuizen in het Londen van de zeventiende eeuw. Hier ontmoetten mensen van alle standen en rangen elkaar. In het koffiehuis van Edward Lloyd kon je terecht voor het meest betrouwbare expediteursnieuws. Deze plaats trok daardoor reders, kapiteins en stuurlui aan die met elkaar onderhandelden. Het verklaart waarom bij Lloyds of Londen de assuradeurs nog op barkrukken zitten en de stafleden ‘obers’ worden genoemd. De aandacht van Wilson gaat ook uit naar het Amsterdam van de zeventiende eeuw. De kansloos lijkende, op veengrond gebouwde stad werd rijk door het aantrekken van menselijk kapitaal uit succesvollere steden als Antwerpen en Lissabon. In 1675 bedroeg de urbanisatiegraad in Holland liefst 61 procent. Nieuwe ideeën konden zich ontwikkelen, het percentage analfabeten lag laag, er was verdraagzaamheid en steden samen met hun burgers, kooplieden en handelaren genoten een grote autonomie en politieke macht.

De energie en de veerkracht van de steden komen ook tot uiting bij de bespreking van de vernietiging van een aantal steden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Na de ontploffing van de eerste atoombom boven Hiroshima hadden sommige wijken de volgende dag weer stroom. Na anderhalve week liep dit op tot 30% van de stad. Nog dezelfde dag van de ontploffing waren de waterpompen gerepareerd. Mensen bouwden provisoire woningen en postbodes bezorgden de mensen brieven op deze adresloze bouwsels.

Wilson heeft niet alleen oog voor het verleden. Hij kijkt ook naar de toekomst. Steden worden groener. Bomen nemen de plaats in van auto’s. Viaducten worden wandelpromenades. Sensoren en computers zullen het leven verder bepalen in de stad. De dynamiek en creativiteit die vanuit een stad uitgaan illustreert hij tot slot met het voorbeeld van de Nigeriaanse stad Lagos. Ondanks de sloppenwijken, de corruptie, de misdaad en de erge files floreren de economie, de muziek, de mode en de beeldende kunsten. Nollywood is de op een na grootste filmindustrie na Bollywood. Lagos met zijn jonge bevolking zindert van de energie, de dynamiek is verslavend. Het verbluffende Otigba Computer Village is een ongereglementeerd techdorp waar duizenden handelaren en verkopers de nieuwste smartphones, laptops en accessoires te koop aanbieden naast gerepareerde apparaten. Lagos’ energie en creativiteit komen in hoge mate voort uit de ogenschijnlijke chaos en het vernuft waarmee de mensen nieuwe manieren bedenken om de valkuilen van de stad te omzeilen. Dit was ook zo in Uruk 6000 jaar geleden.

Kris Muylle

Pin It

Comments are closed.

Boek van de Week

Een gecompliceerde vriendschap

Categorie: Boek van de week, Literatuur, Roman

Gezel in marmer – Anjet Daanje – Pluim – 444 blz. Na het succes van De herinnerde soldaat, een boek dat heel langzaam bekend werd, is Gezel in marmer uit 2006 door uitgeverij Pluim…

Boek van de week archief

23-juli-2021 | Lees verder | Reageer!