Digitaal willen zien wat iemand voelt

7-maart-2022 | Categorie: Literatuur, Roman

De visionair – Anja Sicking – Lebowski – 272 blz.

Ergens halverwege De visionair, de nieuwe, wervelende roman van Anja Sicking, blikt de hoofdpersoon Roemer vanuit een verre toekomst terug op een tv-documentaire die hij ooit zag over de Mona Lisa. Toen die begin negentiende eeuw in het Louvre kwam te hangen, kwamen daar dagelijks talloze mannen naar kijken, sommigen zelfs elke dag opnieuw. Ze keken de vrouw met de asymmetrische mond langdurig in de ogen, legden bloemen voor haar neer of brachten een liefdesbrief of zelfgeschreven gedichten mee. Op den duur kreeg Mona Lisa zelfs haar eigen brievenbus in het museum.

Wat zagen al die mannen in de glimlach van Mona Lisa? Was het verdriet, verliefdheid of juist dédain? Wat projecteerden zij in haar blik? Begin 21e eeuw beantwoordden neuropsychologen de vraag met behulp van een algoritme. Volgens hun onderzoek was de glimlach van Mona Lisa onoprecht: haar linker mondhoek drukte geluk uit, de rechter louter minachting.

Zoals de blik van Mona Lisa voor mannen eeuwenlang een raadsel was, zo heeft ook de zestienjarige scholier Roemer geen idee wat er omgaat in het hoofd van mevrouw Vroman. Zij is de eigenares van het hotel in de duinen waar Roemer een bijbaantje krijgt als schoonmaakhulp, en die hem meer dan gewone aandacht geeft. Omdat hij haar, zoals ze zegt, doet denken aan iemand die ze kent van vroeger?

Roemer maakt deel uit van een klasje whizz kids dat zich onder leiding van een bevlogen leraar bezighoudt met de mogelijkheden van robotica en andere vormen van kunstmatige intelligentie. Zoals veel van zijn leeftijdgenoten leeft Roemer een groot deel van zijn tijd al in een virtuele wereld:

‘Hij was aan de op schermen nagebootste landschappen gewend, aan de pixels, aan Google Maps. Als hij ergens een eend hoorde kwaken, dacht hij dat het zijn ringtone was en greep hij naar zijn telefoon.’

Het is Roemers droom uiteindelijk een ‘e-bril’ te ontwerpen waarmee hij niet alleen kan zien wat er omgaat in het hoofd van mevrouw Vroman, maar ook in dat van zijn mooie én superslimme klasgenote Zara, en eigenlijk in het hoofd van iedereen. Met zo’n bril kun je niet alleen je gebrek aan emotionele intelligentie overwinnen, je kunt er ook rijk mee worden.

De droom blijkt minder irreëel dan hij aanvankelijk lijkt. Al bij de slotpresentatie in het klasje vertelt Roemer dat hij met zijn e-bril inmiddels van een afstand iemands lichaamstemperatuur kan meten en de grootte van zijn irissen, de trilling van zijn oogspiertjes en zijn hartslag, zijn bloeddruk en de stand van iemands mondhoeken ten opzichte van elkaar, zoals bij de Mona Lisa. In China kun je tegenwoordig je metrokaartje al betalen met een irisscan, en het is, zegt Roemer, alleen maar een kwestie van tijd voordat je met je e-bril kunt zien of iemand hetero is of homo, en welke emoties hij precies heeft.

Later wordt Roemer inderdaad rijk met zijn uitvinding, zoals bijna al zijn klasgenoten rijk worden met hun start-ups die hun oorsprong hadden in de roboticaklas van leraar Breeveld. Maar het gaat hen om meer dan om rijk worden alleen. Allemaal willen ze ook een rol van betekenis spelen; willen met hun technologische brille zin geven aan hun leven, aan de knoppen draaien van de maatschappij van de toekomst. Is dit immers niet hún eeuw?

Alleen Zara blijft kritisch, niet toevallig ook de enige van het groepje die geschiedenis, economie én filosofie heeft opgenomen in haar keuzepakket. Zij is ook de enige die terughoudend blijft in het online afstaan van persoonlijke informatie, en wier gedachtewereld daardoor later ook veel moeilijker te hacken zal zijn dan die van haar klasgenoten.

En dan is er nog Breeveld, de docent van het roboticaklasje, die tevergeefs probeert zijn leerlingen te wijzen op de negatieve gevolgen die ook kleven aan een onbeperkt technologisch vooruitgangsoptimisme:

‘Hij vond dat de polariserende werking van de algoritmes van de socialemediabedrijven een risico voor de democratie vormde. Zijn leerlingen hadden daar weinig aandacht voor. Ze luisterden liever naar een verhaal over de onbegrensde mogelijkheden van technologie. Ze verlangden naar de tijd waarin de virtuele wereld ongemerkt in de echte zou overgaan. Naar de tijd waarin het internet driedimensionaal zou zijn. Ze maakten zich er geen zorgen over dat er een virtuele laag over hun alledaagse werkelijkheid zou worden gelegd, maar verheugden zich erop de wereld permanent via een of ander scherm te zien. Ze konden dan op weg naar school verder gaan met gamen. Of in de pauze virtueel een popconcert bijwonen.’

Met De Visionair heeft Anja Sicking (1965) een grote sprong gemaakt in de ontwikkeling van haar schrijverschap. Beperkten haar eerdere romans zoals Het Keuriskwartet  en Ferrari’s in de hemel zich nog tot het – subtiel – uitdiepen van de sociaalpsychologische relaties tussen een groep musici of tussen de leden van een gezin, met De Visionair heeft zij een urgent maatschappelijk thema toegankelijk gemaakt voor een breed publiek. Want niet alleen gaat De visionair over een groepje middelbare scholieren, het boek is ook zo goed verteld en herkenbaar geschreven dat veel scholieren het met alle plezier zouden opnemen op hun leeslijst.

Nu alleen nog zorgen dat ze weten dat het boek er is …

Hein-Anton van der Heijden

Pin It

Comments are closed.

Boek van de Week

Ingenieus prentenboek

Categorie: Boek van de week, Prentenboek

Bijen blaten niet, dokter Brombeer – Wilma Geldof – Illustraties: Janneke Ipenburg – Luiting-Sijthoff – 28 blz. Het gaat niet goed met dokter Brombeer, de arts van het dierenziekenhuis. Hij bekijkt zichzelf in de spiegel…

Boek van de week archief

24-november-2022 | Lees verder | Reageer!