Een bevlogen fotograaf

3-mei-2020 | Categorie: Interview

Martijn de Jonge (Den Haag, 25-12- 1957), belandde na een studie Maatschappelijk Werk via de nieuwsfotografie in de natuurwereld. In 1984 won hij de 1e prijs bij de Zilveren Camera, verschillende prijzen volgden. Zo stond zijn lammergieroog in 2002 op het Jaarboek van de Zilveren Canera. Martijn was één van de initiators van fotostockbureau Kina. Van ’95 tot ’99 vervulde hij bestuursfuncties bij de beroepsvereniging GKf. In 2004 was hij de eerste organisator van zeearendreizen naar de Poolse Oderdelta.

Tegenwoordig is De Jonge fotoconsultant, organiseert hij fotoreizen/workshops, geeft lezingen en publiceert hij over roofvogels, walvissen en natuurfotografie. Als vrijwilliger werkt Martijn bij natuurvereniging de Ruige Hof in Amsterdam Zuidoost. Sinds 2017 woont hij in Schokkerhaven waar hij zijn liefde voor varen, fotografie en zeearenden weet te combineren door het maken van vogelvaartochten met gasten.

In maart 2020 was ik (Kees de Kievid) aanwezig bij een lezing, waarbij hij ook zijn nieuwe boek De Zeearend in Nederland, in 15 jaar naar 15 paar presenteerde. Dit alles was dermate boeiend, dat ik hem ter plaatse aanbood dat boek voor boekenbijlage te bespreken en vroeg of hij iets voor een interview voelde. Het resultaat daarvan vindt u hier en de bespreking bij de recensies.

Hoe ben je, na een studie maatschappelijk werk, ertoe gekomen van fotograferen je werk te maken?

Ik raakte gedurende mijn opleiding maatschappelijk werk al verslingerd aan de fotografie. Punkconcerten in Paradiso met Iggy Pop en The Ramones samen met allerlei manifestaties van sociale actiegroepen en krakers waren mijn hoofdonderwerpen. Publicaties verschenen aanvankelijk in kleine tijdschriften en later veelal in dagbladen.

Ben je direct met het thema ‘natuur’ aan de slag gegaan of ben je eerst foto’s van andere onderwerpen gaan maken?

Gedurende die periode had ik al een grote belangstelling voor natuur waarbij de focus op vogels lag. Aanvankelijk kwamen die foto’s vooral in kleine tijdschriften terecht maar later ook in dagbladen en uitgaves van o.a. Waddenvereniging van Natuurmonumenten. Terwijl ik begin jaren tachtig heftige straatrellen en punkmuziek fotografeerde wist ik ook in 1984 een winnende foto te maken bij de Zilveren Camera van parende futen in de Amsterdamse Weteringschans. Fotojournalistiek waarbij je maar beperkte kansen maakt op een topfoto werden de grote uitdaging. Of dat nou een zeldzame dolfijn bij de Brouwersdam was of Mandela op het Leidseplein. Het in 1980 behaalde diploma Maatschappelijk Werk werd niet gebruikt, wat deels kwam door de grote bezuinigingen die er destijds werden uitgevoerd binnen het sociaal werk. Het werken in de fotojournalistiek betekende ook het ontwikkelen van een zintuig voor goed beeld: hoe maak je dat en wat is de moeite van je inzet waard. Gezien mijn belangstelling voor de natuur zette ik daar de koers op, met de invalshoek van de actualiteit. Potvis aangespoeld, hup ernaartoe! Futen in de gracht? Proberen ze met groothoeklens te fotograferen zodat je de Amsterdamse Brouwersgracht op de achtergrond ziet.

Wat heb je in de loop der tijd zoal gepubliceerd?

In 2000 verscheen bij uitgeverij Atlas een bundeling van beeldcolumns onder de titel Buitenbeeld, natuur in Nederland en in 2012 Walvissen kijken in Europa bij de KNNV. Dezelfde uitgeverij die voorjaar 2020 De Zeearend in Nederland, in 15 jaar naar 15 paar uitbracht. Tegelijkertijd leverde ik nog bijdragen aan diverse TV- en radioprogramma’s zoals ‘Goedemorgen Nederland’ en ‘Vroege Vogels’. Bij de Zilveren Camera in 2002 won ik een prijs in de categorie ‘Documentaire Series’ met een reeks die in de Volkskrant werd gepubliceerd. In 2006 werd ik vereerd als de ‘Wildlife Photographer of the Year, een onderscheiding ‘ die ik won met een foto van trekkende ooievaars met daarachter een vliegtuig.

Hoe ben je tot het onderwerp ‘zeearend’ gekomen?

Vanuit de actualiteit die ik al eerder noemde, kreeg ik ook belangstelling voor de zeearend, destijds een schaarse wintergast in ons land. Grootste Europese arend, toppredator, Vliegende Deur waar eigenlijk nauwelijks goede foto’s of informatie van was. En waar de hele Nederlandse natuur voor huiverde. Omdat er hier nauwelijks kennis was legde ik contact met buitenlandse onderzoekers in Polen, Duitsland en Zweden. De zeearend was daar al lange tijd broedvogel en bezig uit een diep dal omhoog te klimmen.

In de titel van het boek heb je “in Nederland” opgenomen, terwijl er ook hoofdstukken over de zeearend in Europa en mondiaal in staan. Waarom?

Publicaties van onderzoek, veldwerk en congressen leveren vele beeldartikelen met vooruitzichten hoe de zeearend het in Nederland zou kunnen gaan doen. Zeearenden konden zich in Nederland vestigen door onderzoek en vooral goed beheer in nabije Oostzee landen. Als je de zeearend in Nederland behandelt in historisch perspectief kun je dat alleen in een internationaal perspectief doen.

Hoe is het schrijven je afgegaan, terwijl je toch in de eerste plaats fotograaf bent?

Begin jaren negentig vroeg de hoofdredacteur van het blad Bionieuws me of ik wilde gaan schrijven hoe ik tot mijn foto’s kwam. De vele publicaties in dagbladen werden positief gewaardeerd maar riepen ook vragen op hoe het beeld tot stand gekomen was. In de daaropvolgende jaren schreef ik artikelen over onderzoek op Griend in de Waddenzee, zeearenden in Polen en walviskijken in Noord Noorwegen. Dat bleven globaal de hoofdonderwerpen blijven van mijn fotojournalistieke werk: zeezoogdieren, roofvogels en de relatie mens-natuur. Media 2020 kwam het idee op om het eerste boek over de Nederlandse zeearend te maken, er was na vijftien jaar nestelen een hoop nieuw beeld en info om te publiceren. Schrijven is een mooie manier om je beeld context te geven, daarbij kun je met woorden meer een totaal verhaal leveren dan met foto’s alleen.

Je geeft ook lezingen over de zeearend (en andere onderwerpen). Hoe ervaar je die?

Lezingen zijn een leerzame wijze om direct in contact te komen met de mensen voor wie je publiceert, de communicatie over en weer is belangrijk en leuk. De afgelopen twintig jaar is de focus verschoven naar de dienstverlening, voor foto’s wordt nauwelijks meer betaald. Zo organiseer ik ook fotoreizen naar Spanje, Polen en Gambia waar de nadruk op roofvogelfotografie ligt.

Tijdens je fotoreizen heb je vast veel meegemaakt. Wat was het meest bijzondere/bizarre dat je hebt beleefd?

Tijdens fotowerk ben ik in een Turkse staatsgreep beland, in de Bijlmerbajes terecht gekomen en ’s nachts beroofd op Amsterdam CS tijdens het fotograferen van ratten. Terugkijkend op sommige foto’s rijst de vraag of de afstand tot het onderwerp soms niet wat heel kort was. Vooral ook veel lol beleefd aan buitenlandse contacten, mooie tochten of bizarre situaties. Met het besef, zeker in deze Coronatijd, dat alles tijdelijk is.

Lezers van deze website zijn altijd geïnteresseerd in wat een schrijver zelf leest. Wat lees jij, zowel op gebied van fictie als non-fictie? Heb je een of meer favoriete boeken of schrijvers? 

Favoriet boek is onder andere Saluut aan Catalonië van George Orwell. Het beschrijft de waanzin van de Spaanse burgeroorlog vanuit het perspectief van een buitenstaander. Spanje is een zeer boeiend land met een voor Europa buiten gewone natuur & cultuur. We komen er graag en de laatste keer in Extremadura hebben we ons vooral op de Paasprocessies toegelegd gedurende de Semana Santa. Inderdaad, zo lang geleden alweer.

Vragen: Kees de Kievid

Lees hier de recensie van De zeearend in Nederland

Pin It

Laat een reactie achter

Voordat je een reactie kunt plaatsen dien je de volgende vraag te beantwoorden: *

Boek van de Week

Een menselijke mol

Categorie: Boek van de week, Mens & Maatschappij, Non-fictie, Reisverhalen

Ondergronds – Will Hunt – Vertaling Roelof Posthuma – Ambo-Anthos – 276 blz. “Al vanaf zijn jongensjaren koestert de Amerikaans journalist en fotograaf Will Hunt een mateloze fascinatie voor de werelden die onder het aardoppervlak…

Boek van de week archief

28-mei-2020 | Lees verder | Reageer!