Literaire helden, Van Leonidas tot Münchhausen

7-november-2014 | Categorie: Columns & Korte verhalen, Literatuur

Dracula heeft echt geleefd – Pieter Steinz – Nieuw Amsterdam – 240 blz.

Dracula heeft echt geleefdKoning Arthur, Siegfried, Macbeth, Robin Hood, Wilhelm Tell, Don Juan, Dracula, Tijl Uilenspiegel, Faust, Cyrano de Bergerac en de Baron von Münchhausen: het zijn namen die we waarschijnlijk allemaal wel kennen. Maar wanneer je gevraagd zou worden om iets meer over hen te vertellen zouden de meesten van ons na enkele feiten stilvallen. En op de vraag of het hier gaat om historische personen of figuren uit de literatuur zouden we vermoedelijk het antwoord schuldig blijven. Het niet zeker weten. Voor mijzelf was dat inderdaad de situatie. Daarom is Pieter Steinz’ Dracula heeft echt geleefd. Een reis door Europa in de voetsporen van 16 literaire helden zo’n feest om te lezen. Het vertelt je alles over de hier genoemde figuren en nog een handvol anderen. In de vorm van reisreportages, want de zoektocht van Steinz naar de historische werkelijkheid van zijn helden leidt hem steevast naar de plekken waar hun echte of literaire leven zich heeft afgespeeld.

Voor de Spartaanse koning Leonidas – de naam kennen wij tegenwoordig vooral als een Belgische bonbon – reist hij af naar het Griekse Thermopylai. Voor koning Arthur gaat zijn reis naar Zuid-Engeland, terwijl hij zich voor Robin Hood naar het Midden-Engelse Sherwood begeeft en voor Macbeth naar de Schotse Highlands. Midden-Europa blijkt een rijke voedingsbodem voor literaire helden: Siegfried stamt uit het Zuid-Duitse stroomgebied van de Rijn; herinneringen aan Faust zijn te vinden in het zuiden van Beieren; in het jaar 1307 schoot Wilhelm Tell met zijn kruisboog een appel op het hoofd van zijn zoontje doormidden in het Zwitserse Altdorf; de legende van Rabbi Löw en zijn Golem speelt zich af in Praag en de baron van Münchhausen leefde in het noorden van Duitsland. Voor de historische graaf Dracula begeeft Steinz zich naar Roemenië. Cyrano de Bergerac blijkt niets met de gelijknamige Franse stad te maken te hebben, zijn sporen liggen in Parijs. Voor Don Juan moet je in Sevilla zijn, voor Sint Brandaan op verschillende plekken in Ierland en voor de middeleeuwse held Roeland in de Pyreneeën. De herinneringen aan de enige vrouwelijke paus ten slotte, pausin Johanna, blijken in Rome vakkundig onder het tapijt te zijn weggemoffeld. Maar Steinz vindt ze.

Twee keer geboren worden, eerst als sterveling en dan als mythe of literaire held, dat is wat de zestien figuren in dit boek verbindt. Op zijn pelgrimages houdt Steinz meestal juist de omgekeerde volgorde aan en werkt hij vanuit de literaire overlevering terug naar de historische bronnen. Zo neemt hij bij Macbeth de ontmoeting tussen koning Macbeth en de drie heksen na de veldslag op de hei als uitgangspunt. In ‘A desert place’, zoals de regieaanwijzing van Shakespeare luidt. Een plek van ‘thunder and lightning’ en ‘fog and filthy air’. Maar bij slecht weer zou dat natuurlijk overal in de Schotse Highlands geweest kunnen zijn. Daarom zet hij een route uit die hem langs de plekken voert waarvan bekend is dat de historische figuur Macbeth, die tussen 1040 en 1057 als koning over Schotland regeerde, er geweest is. Dat brengt hem bij kleine musea, kastelen en slagvelden waar de herinnering aan de koning door enthousiastelingen levend wordt gehouden. Maar ook bij het plaatsje Birnam, waar Macbeth zijn Waterloo vond. Birnam heeft tegenwoordig weinig van een ‘desert place’. De schrijfster Beatrix Potter bracht daar haar zomervakanties door, met als gevolg dat Steinz op zoek naar de laatste momenten van Macbeth rondloopt door een parkachtig landschap waar de Beatrix Potter Society vrolijk rondhuppelende konijntjes heeft uitgezet.

Waarom dit boek, waarom deze reizen? Pieter Steinz is zijn leven lang al gefascineerd door Faust, de man die volgens de legende in ruil voor kennis en macht zijn ziel verkocht aan de duivel. Enkele jaren geleden wijdde hij al een boek aan hem. Faust is ook zo’n held die we in de eerste plaats associëren met de literatuur – Goethe’s toneelstuk Faust – maar die daarnaast écht heeft bestaan. De historische Faust overleed in 1540 en had bij zijn dood een reputatie als duivelsdoctor. Het was zijn ambitie geweest om te begrijpen hoe de wereld in elkaar stak. Als dat niet lukte via de reguliere wetenschapsbeoefening moest het maar via een overeenkomst met de duivel. Die nietsontziende ambitie sprak latere generaties aan. Schrijvers, componisten, toneelmakers en cineasten werden erdoor geïnspireerd. Iedere tijd creëerde zijn eigen Faust, van de renaissance-Faust via de romantische Faust tot de postmoderne Faust. Misschien is dat wel wat Steinz vooral fascineert: de mens die van alle tijden kan zijn.

De reisreportages zijn steeds aangevuld met twee beknopte historische overzichtjes: over de besproken persoon in de letteren en in de kunsten. Daardoor zijn de stukken een mooie mix van informatie, sfeertekening en historische context. Ze bevatten ook veel verrassingen. Want wie wist dat Dracula en Faust elkaar ooit hebben ontmoet? En dat ze tijdens die ontmoeting naar de gunsten van één en dezelfde vrouw dongen? Dat was weliswaar in een stuk van de negentiende-eeuwse Duitse toneelschrijver Christian Dietrich Grabbe, maar je zou dat toch zo opgevoerd willen zien. Wie realiseert zich dat de zot Tijl Uilenspiegel tot leven is gebracht door zo volstrekt verschillende schrijver als Felix Timmermans, Willy Vandersteen – van Suske en Wiske – en Hugo Claus, om er maar enkele van een lange rij te noemen?

Steinz besluit zijn boek met de ‘jongste’ held, Carl Friedrich Hieronymus Freiherr von Münchhausen, de baron die met de vertellingen over zijn wonderbare reizen een nieuw literair genre schiep, de ‘münchhausiade’. Net zoals hij door zijn gedrag het archetype van de ‘leugenbaron’ creëerde, een man in wiens leven verzinsel en werkelijkheid niet meer van elkaar te onderscheiden zijn. Steinz trekt dan de lijn door naar het heden en wijst er fijntjes op dat iemand als Boudewijn Büch, die zijn hele verleden bij elkaar verzon – een ongelukkige jeugd, een academische titel, een gestorven zoontje, de puntjes op de u van zijn achternaam – eigenlijk een Münchhausen van onze tijd was. Waarin wij allemaal geloofden, zoals dat ook bij de baron het geval was.

Peter van der Ploeg

Pin It

Comments are closed.

Boek van de Week

Nederlands grootste vissersdorp gefileerd

Categorie: Boek van de week, Mens & Maatschappij, Non-fictie, Religie

De ontdekking van Urk – Matthias M.R. Declercq – Podium – 326 blz. Bij de naam “Urk” zal iedere Nederlander wel denken aan vis, kotters, gelovig, kerken en een aantal zal wellicht ook denken aan…

Boek van de week archief

25-november-2020 | Lees verder | Reageer!