Moeder was een blok aan het been

18-november-2013 | Categorie: Familiegeschiedenis, Non-fictie

Ergens anders – Richard Russo – Vertaling Kees Mollema – Signatuur – 213 blz.

Ergens andersRichard Russo is een succesvol Amerikaans auteur. Hij won de Pullitzer Prize in 2002 voor zijn roman Empire Falls. Empire Falls is de naam van een industriestadje dat is gebaseerd op zijn geboorteplaats Gloversville dat ligt in Fulton County en ooit bekend stond om de productie van handschoenen en andere lederwaren.
Russo’s grootvader, van Italiaanse afkomst, kwam er ooit terecht. Hij groeide op in Salerno en leerde daar het met de hand maken van schoenen. Hij emigreerde, zoals zoveel Italianen in die tijd naar Amerika, en belandde in Fulton County. Omdat er weinig vraag was naar handgemaakte schoenen, ging hij werken als handschoenenmaker in Gloversville.

Russo groeide in dat stadje op met zijn moeder. De handschoenenindustrie was er al verdwenen. De industrie was slachtoffer geworden van de globalisering. In Azië konden de handschoenen veel goedkoper gemaakt worden. Zijn vader en moeder waren gescheiden toen hij nog heel jong was. Vader was een gokker en een dronkenlap en moeder vond het beter om de kleine Richard alleen op te voeden. Volgens zijn vader ontvluchtte die het huwelijk omdat aan Richards moeder een steekje los zat.
Toen zijn moeder overleed, had Russo de innerlijke drang om haar levensverhaal, dat zo vastgeklonken zat aan het zijne, in dit memoir op te schrijven.

De twee woonden in zijn jeugd, in huis bij zijn opa en oma van moederskant in Helwigstreet in Gloversville. Moeder en zoon hadden een heel hechte band, vader liet zelden wat van zich horen. Gloversville ligt aan de oostkust van de VS in de buurt van New York en toen Richard 18 jaar was, wilde hij helemaal aan de andere kant van Amerika gaan studeren. Zijn moeder die voor General Electric in Schenectady werkte, ging met hem mee. Zij beweerde dat ze een baan had aangeboden gekregen bij een filiaal van GE in Phoenix, wat achteraf toch iets te rooskleurig was voorgesteld.

Met net een rijbewijs op zak kocht Russo een grijze Ford Galaxie uit 1960, door zijn vrienden omgedoopt tot de Grijze Dood. Met een aanhanger vol huisraad gekoppeld aan deze oude auto, begonnen hij en zijn moeder aan de tocht dwars door Amerika. Een gevaarlijke onderneming met een auto die heel slecht optrok en tergend langzaam, mede door de zware aanhanger, voortkroop over de Amerikaanse snelwegen die ook in 1967, want toen speelde dit, al behoorlijk druk waren.
Deze tocht is eigenlijk het spannendste en opwindendste gedeelte van het boek. In het verloop van het verhaal komen we er steeds meer achter dat Richards moeder een aparte vrouw is. Zijn vader zegt het een keer zo: ‘Je weet toch wel dat je moeder niet spoort, hè?’

Volgens Russo leed zijn moeder aan obsessief-compulsieve stoornis. Ze slikte kalmerende middelen en had manische en depressieve buien. Gedurende bijna haar gehele leven bleef ze in de buurt van haar zoon wonen. Telkens als Richard, intussen hoogleraar, getrouwd met Barbara en twee dochters, ging verhuizen, moest moeder in hun kielzog mee.
We kunnen dan ook vaak lezen over zoektochten naar huizen voor het gezin Russo en appartementen voor moeder, die op bescheiden afstand moest wonen. Richard ging elke week boodschappen met haar doen, bracht haar naar de kapper, de tandarts en de dokter enz.

Ruim veertig jaar is “Ricko-Mio”, zoals zijn moeder hem noemde, haar rots in de branding. Natuurlijk soms ook een verguisde rots, want moeder voelde zich, vaak ten onrechte, in de steek gelaten door haar zoon.
Talloze malen bekijken ze appartementen en telkens herhaalt zich het patroon van de moeder die het appartement afkeurt om allerlei vage redenen, om uiteindelijk toch maar toe te stemmen erin te gaan wonen. Deze situaties komen net iets te vaak voor in het boek. Ook haar verlangen om terug te willen keren naar Gloversville komt steeds terug. Toen ze er woonde voelde ze zich er ongelukkig, maar na een paar jaar zijn alle negatieve dingen vergeten en blijft er een nostalgisch beeld over van een stadje waar ze het zo goed heeft gehad. Daar komt ook de titel vandaan. Ze is niet gelukkig waar ze is, maar ergens anders zou het veel beter gaan.

Zijn moeder die een lezer was, had de volgende mening over de boeken van haar zoon.
“Uit de verschillende opmerkingen die ze maakte, leidde ik af dat het voor haar een groot raadsel was waarom zoveel mensen kennelijk verhalen wilden lezen die zich afspeelden in achtergebleven industriestadjes die zij met zoveel moeite achter zich had weten te laten.”
Hieruit blijkt dat het een voordeel is om een roman te schrijven boven een memoir. Een roman is een gestileerde vorm van vertellen, terwijl je met een memoir vastzit aan de werkelijkheid, die soms gewoon niet erg opwindend is. Je komt veel te weten over Russo zelf, zijn inspiratiebronnen, zijn werkwijze en over zijn moeder natuurlijk.

Pieter Feller

Pin It

1 Reactie

Boek van de Week

Klein literair juweel

Categorie: Boek van de week, Literatuur, Novelle

De zondagen van Jean Dézert – Jean de la Ville de Mirmont – Vertaling Mirjam de Veth – Uitgeverij Oevers -122 blz. De zondagen van Jean Dézert is een bijzondere novelle. Het verhaal is al…

Boek van de week archief

10-augustus-2020 | Lees verder | Reageer!