Nanda Roep houdt alles in eigen hand

3-januari-2015 | Categorie: Interview

Nanda Roep 1Schrijfster Nanda Roep (Utrecht 1971) schreef haar eerste verhaal toen ze zes jaar was. Als kind speelde ze graag en veel toneel. Als tiener ging ze bij een toneelclub en daarnaast begon ze te schrijven voor de schoolkrant. Deze twee dingen, toneel en schrijven, zou Nanda altijd blijven doen. Ze studeerde begin jaren ’90 aan de School voor Journalistiek in Utrecht, en schreef in die periode ook een aantal toneelstukken. Toen ze werd gevraagd in een kindervoorstelling te spelen, kwam het besef dat ze kinderboeken moest schrijven. Binnen een jaar had ze een uitgever gevonden voor Mevrouw Triktrak in de wolken.

Na haar afstuderen, werkte ze voor dagblad Trouw en Het Utrechts Nieuwsblad. Ze deed voornamelijk schrijversinterviews voor de kunstredacties, en heeft bovendien drie jaar kinderboeken gerecenseerd voor Trouw. Naast het werk voor de dagbladen heeft ze ook veel geschreven voor vrouwenblad Viva. Straatinterviews, groepsinterviews en natuurlijk interviews met BN’ers. Drie jaar was ze hoofdredacteur van het tijdschrift Schrijven.
Nanda heeft een relatie met cabaretier Silvester Zwaneveld, met wie ze twee kinderen heeft.
In november 2010 is ze begonnen met haar eigen uitgeverij: ‘Uitgeverij Nanda’. Nu ze zelf helemaal de baas was over haar boeken, kon er ook een website komen voor haar boekenserie Plaza Patatta, waarop allerlei extra’s worden aangeboden, zoals muziek, knutselplaten en veel kookrecepten speciaal voor kinderen.

De vraag zal ongetwijfeld vaker gesteld zijn, maar wat was de reden om een eigen uitgeverij te beginnen?

In november 2010 kwam het eerste boek van ‘Uitgeverij Nanda’ uit. Daarvoor heb ik vijftien jaar als auteur bij meerdere uitgevers gezeten, ik had al 50 kinderboeken gepubliceerd en 2 romans toen ik op eigen houtje verder ging. Dat had een caleidoscoop aan redenen. De voornaamste was dat ik muziek en theater aan mijn kinderboeken wilde koppelen, maar dat lukte niet binnen de muren van de uitgeverij. Het laten samenwerken van mijn vaste uitgever, Leopold, met een platenmaatschappij die interesse in mij had, CNR, strandde al op voorhand. Achteraf zie ik dat mijn plannen te groot waren voor een ‘gewone’ uitgeverij, ik was te multimediaal in mijn ideeën. Nu ben ik zelf de uitgever van niet alleen mijn boeken, maar ook mijn muziek. Ik heb alle rechten onder één dak en kan het ene gemakkelijk toestemming geven voor het andere. Die bewegingsruimte had ik nodig.

Is het runnen van een uitgeverij naast het schrijven je mee- of tegengevallen?

Het is alles meegevallen. Ik vind de afwisseling van functies heel fijn, óók om een dagje dozen te stickeren voor een zending aan de bibliotheek. Al die jaren wilde ik graag meebeslissen over dingen als omslag en opmaak, maar ook over bijvoorbeeld publiciteit. Nu kan dat eindelijk, sterker nog, het moet. Ik kan daardoor nu minder titels per jaar maken, maximaal twee terwijl ik vroeger circa vijf boeken per jaar schreef. Maar ik verlangde er onderhand wel naar om een idee langer te laten rijpen voor ik het moest uitwerken. Door het totaal van activiteiten is die ruimte nu ontstaan. Enig minpuntje is dat de verantwoordelijkheid veel zwaarder op me drukt om een publiek te vinden voor mijn boeken. Ik snap niet dat ik me daar de eerste 15 jaar nauwelijks zorgen om heb gemaakt!

Is het als uitgever van je eigen boeken niet lastig om met een neutrale blik naar je werk te kijken? Wie leest je scripts eerst en wie doet de uiteindelijke redactie?

Deze vraag, of veronderstelling, komt vaak naar voren. Voor mij speelde juist dat ik niet alle redacteuren meer sterk genoeg vond. Het groeide met de jaren zo’n beetje dat ik de sprankeling of scherpe blik begon te missen – mede door drukte in hun werk, dat begreep ik wel, maar toch. Ik heb mijn vroegere uitgever er weleens op gewezen dat ze in mijn ogen te haastig sommige boeken op de markt kwakte, en daarin kreeg ik toen van haar ook gelijk. De jaren van het grote consumeren, voor de crisis.
Nu huur ik redactie en correctie zelf in. Mijn redactrice hoort bij de hoogbegaafde slimmeriken van Nederland, zij weet altijd zo geinig veel. Ik kies de mensen die graag net zo gedreven zijn als ikzelf. Denk maar niet dat die beleefdheden gaan zitten uitwisselen, dat past helemaal niet in hun – en mijn – karakter. Voor mijn nieuwste roman heb ik zelfs twee verschillende redactrices aan het werk gehad, één uit de tijdschriften- en één uit de boekenwereld. Plus daarna een zeer ervaren corrector. Dat zou de gewone uitgeverij te duur hebben gevonden, maar ik kan die moeite nu nemen.

Van de Plaza Patatta serie is dit jaar het tiende deel uitgekomen. Het is niet alleen een boekenserie, maar er zit ook een website aan vast met knutsel- en kooktips en muziek. Had je deze opzet vanaf het begin al voor ogen? Denk je dat het een concept is waar je voorlopig nog mee door kan gaan?

Het klopt dat ik Plaza Patatta meteen bij aanvang als een langlopende serie voor me zag. Door de opzet die ik heb gekozen, kan ik er veel wisselende afleveringen mee maken. De serie is al begonnen in een tijd dat het seriewerken nog nauwelijks bestond, moet je nagaan. Dat het een totaalproject werd met koken, knutselen en muziek, is gaandeweg gegroeid. Het is zeker onze bedoeling om alle elementen afzonderlijk verder te verstevigen en de serie naar een nog groter plan te trekken!

In 2014 zijn er drie boeken van je uitgekomen, een deel uit Plaza Patatta, het jeugdboek Koningsland en de roman Van je familie moet je het hebben en kan je het krijgen ook! Is elk boek een apart project wat je eerst afsluit voor je ander start of schrijf je door elkaar?

Ieder boek is een afzonderlijk project. Plaza Patatta hoort echt bij de serie, met alle kaders die erbij horen. Koningsland is een losstaand project waarover ik jarenlang heb gebrainstormd en gedacht. Het is mede daardoor een zeer dierbaar boek voor ons. De roman markeert de start van een nieuwe periode, namelijk die van romanschrijster.

Is het makkelijk schakelen van het ene naar het andere genre?

Ehm, ja, dat gaat toch wel automatisch. Ik beheers onderhand wel meerdere genres – niet alle, overigens – en heb daar ook plezier in.

Heb je voorkeur voor een van de genres?

Mijn voorkeur wisselt met het verglijden van de tijd, de fases waarin ik leef of de nieuwe dingen die ergens zijn te ontdekken.

Pikken de boekhandels het van je dat je al die genres door elkaar schrijft? M.a.w. nemen ze alles makkelijk af?

Ik heb niet het idee dat de boekhandel let op wat ‘schrijfster Nanda Roep’ allemaal onderneemt en al helemaal niet dat ze er een mening over hebben. Ze nemen de boeken af alsof het losse projecten zijn die net zo goed van verschillende auteurs hadden kunnen zijn. Elke titel moet afzonderlijk zijn publiek zien te vinden – en dat klopt ook, want het zijn verschillende genres voor verschillende lezers. Slechts enkelingen volgen mij als ‘maker’ en lezen de diverse publicaties, zoals jullie recensente Conny. Dat is voor mij uitzonderlijk en extra speciaal.

Koningsland was een verrassend boek, een fantasy jeugdboek, heel anders dan je tot nu toe geschreven hebt. Hoe kwam je op het idee? Kunnen we in de toekomst nog meer van dit soort boeken verwachten?

Het idee voor Koningsland is ontstaan na de geboorte van mijn zoon, die nu tien is. Rond zijn geboorte maakte ik voornamelijk meidenboeken en ik besloot dat ik speciaal voor hem mijn ultieme jongensboek zou maken. Omdat ik nog erg druk met andere projecten was en tussentijds de uitgeverij heb opgericht, had ik alle tijd om te bedenken wat in mijn beleving een jongen, en dan met name mijn zoon, mooi zou vinden. Inmiddels was mijn man Silvester ook volop aan het meedenken.
Het begon bij ridders, dus kozen we als plotlijn een koningsdrama. Maar gaandeweg kwam bij mijn zoon de ruimte als fascinatie naar voren en het gebruik van techniek. Daar hebben we het décor van gemaakt, het speelt zich af in de ruimte en de slechterik is te vergelijken met een cyborg. Als moeder wilde ik een soort kompas toevoegen, een richting waarin jongens zich tot nobele mannen kunnen ontwikkelen, haha. Dat is de overkoepelende waarde geworden en zo werd het een coming of age. Koningsland is typisch een boek dat tijd nodig heeft om zijn publiek te vinden, ik heb nu reacties van lezers tussen 8 en 14 jaar, zowel jongens als meisjes, echt losstaande lezers. De bibliotheek heeft het vrij groot ingekocht en het wisselend bij B- of C-boeken geplaatst. Heel leuk, ik geeft het boek met liefde de tijd.

Heb je voor het schrijven van een verhaal, zoals bijvoorbeeld Koningsland, van te voren alles al in een schema staat of vormt een verhaal zich gedurende het schrijven?

Koningsland zit dermate vol met plot twists, dat ik inderdaad een vrij nauwkeurig schema had gemaakt van elementen die per leeftijd en per planeet aan bod moesten komen. Ook voor Plaza Patatta, dat bestaat uit detectiveverhalen, weet ik vaak welke elementen in welk hoofdstuk moeten. De rest laat ik los en ontstaat tijdens het schrijven.

In Van je familie moet je het hebben en kan je het krijgen ook! kijken we mee in het leven van Bianca die nu ze haar veertigste is gepasseerd haar levensverhaal voor haar dochter opschrijft. Voor de lezers, met name in deze leeftijdscategorie, herkenbaar door de tijdsgeest die wordt geplaatst. Ben je niet bang als je refereert aan bepaalde muziek of dingen uit die tijd dat je verhaal een kleiner publiek zal bereiken of snel gedateerd raakt?

Misschien wordt het juist extra gewaardeerd om de tijdgeest die het laat zien, wie zal het zeggen? Ik kan van tevoren niet voorspellen hoe groot het bereik van een boek zal zijn of hoe het wordt ontvangen. Ik kan er alleen voor zorgen dat het met veel liefde en zorg wordt gemaakt. Eigenlijk hou ik er alleen rekening mee dat het lekker moet lezen, maar zelfs dat is natuurlijk persoonlijk.

In hoeverre val je samen met de hoofdfiguur Bianca?

De manier waarop ze zich laat afleiden tijdens het vertellen, dat heeft ze echt van mij, net als het constante bedenken van je eigen levensfilosofietjes. In de familie is het langs elkaar heen praten terwijl je eigenlijk veel van elkaar houdt ook wel autobiografisch, helaas. Dat het maar niet wil lukken om elkaar te begrijpen. Maar verder is het allemaal van Bianca: de studie, het vroege moederschap, de leuke lunchroom…

Is het makkelijker om een volwassen hoofdfiguur tot leven te brengen dan een kind?

Dit personage stond heel dichtbij mij, mede door het gebruik van de tijdsgeest, want we zijn bijna even oud. Dat maakte het wel gemakkelijker om nuances te tonen en scènes licht schrijnend of juist hoopvol te maken. Kinderfiguren zijn op hun eigen manier weer gemakkelijker omdat ik bij hen iets minder in hun binnenwereld ga. Uiteindelijk zijn ze beiden even moeilijk of gemakkelijk, denk ik, net hoe je het bekijkt.

Je werkt nauw samen met je partner Silvester Zwaneveld die o.a. de illustraties voor Plaza Patatta maakte en co-auteur was van Koningsland. Is dat juist makkelijker werken, omdat je elkaar ook privé door en door kent of juist niet?

Hij is cabaretier, bij veel mensen nog bekend van Arie & Silvester en al sinds 2008 solo op toernee. Wij zijn nauw gaan samenwerken na het oprichten van de uitgeverij. Op zich wel logisch, want als mijn man is hij mede-eigenaar. Hij heeft bovendien de goede papieren om tekenaar te zijn; is afgestudeerd aan de kunstacademie van Rotterdam, maar werkte tot dan toe niet voor kinderen.
Nu leerden we elkaar echt als collega’s kennen en zo kwamen er na vijftien jaar relatie toch nog nieuwe trekjes tevoorschijn, soms echt heel verrassend. Om antwoord te geven op de vraag: ik vind het gemakkelijker werken. Thuis kan ik recht voor z’n raap zeggen wat ik van hem wil en waarom. We doen samen ook de vormgeving van onze boeken, zitten we naast elkaar te schuiven met de illustraties… Dat heb ik bij een vroegere uitgeverij nooit bereikt, het is echt wel speciaal.
Uiteindelijk zijn we vooral blij om elkaar te kunnen steunen bij onze projecten. De uitgeverij doet namelijk, als het zo uitkomt, ook dienst als productiehuis voor tv. En zo hebben we zelf de registratie kunnen maken van zijn cabaretshow, voor de VARA. Dat alleen zou al een reden zijn geweest om de uitgeverij te beginnen, maar aan die mogelijkheid had ik een paar jaar geleden echt totaal niet gedacht.

Vragen: Conny Schelvis en Pieter Feller

Nanda heeft een eigen onlineshop waar je haar boeken kunt bestellen.

Pin It

1 Reactie

  • Wat een leuke interview!

Boek van de Week

Nederlands grootste vissersdorp gefileerd

Categorie: Boek van de week, Mens & Maatschappij, Non-fictie, Religie

De ontdekking van Urk – Matthias M.R. Declercq – Podium – 326 blz. Bij de naam “Urk” zal iedere Nederlander wel denken aan vis, kotters, gelovig, kerken en een aantal zal wellicht ook denken aan…

Boek van de week archief

25-november-2020 | Lees verder | Reageer!