Nathalie Pagie doet niets liever dan schrijven

19-december-2015 | Categorie: Interview

Nathalie PagieNathalie Pagie (Waalwijk, 1974) is thrillerauteur en communicatieadviseur. Ze woont met haar man en twee kinderen in Breda. In 2013 debuteerde zij met De Toneelclub en een jaar later verscheen De Campus, waarvan inmiddels al meer dan 15.000 exemplaren zijn verkocht. Paradijsvogels is de eerste in een serie over journalistenduo Tara Linders en Diego Martinez. In 2016 word het volgende boek verwacht. Nathalie heeft een wenslijstje waarop staat: Een weekend naar het WK Rugby, een live-interview met Karin Slaughter, sushi eten, een huiskameroptreden van K’s Choice, koken met vrienden, naar Parijs met haar beste vriendin en een boswandeling in de herfst. Maar er is een ding dat het altijd wint, dat staat gebeiteld bovenaan haar lijstje en dat is schrijven. Nathalie schrijft spannende verhalen met vaart, toegankelijk voor een breed publiek. Jonge eigenzinnige vrouwen spelen de hoofdrol. Inspiratie haalt ze o.a. uit haar eigen leven: de locaties bezocht ze zelf en ook enkele personages zijn uit het leven gegrepen.

Uit wat voor gezin kom je? Werd er veel gelezen?

Ik had een fijne jeugd in Waalwijk, met mijn ouders, zus Sabine en cavia Pukkie. Ik herinner me vooral de vakanties (mijn ouders in de caravan en ik met mijn zus in een tentje), gourmetten met Kerst en samen televisie kijken. Er werd thuis niet veel gelezen, maar ik deed dat wel graag en veel. Op school, maar ook thuis in boeken uit de bieb. Thea Beckman bijvoorbeeld, heb ik verslonden.

Wat waren je favoriete boeken toen je op de basisschool zat?

Ik noemde al Thea Beckman – Kruistocht in Spijkerbroek, ik ben trots op mijn gesigneerde exemplaar!, verder Tonke Dragt – De Zevensprong, Jan Terlouw – Koning van Katoren, Oorlogswinter, Paul Biegel – De Kleine Kapitein, Roald Dahl – de GVR, Matilda en zo kan ik nog wel even doorgaan…

Aan welke schrijvers voel je je met je boeken verwant en wie bewonder je het meest?

Wat betreft genre en schrijfstijl (toegankelijk, herkenbaar, spannend) denk ik dat ik in het rijtje Saskia Noort, Marion Pauw, Esther Verhoef aan kan sluiten. Dat hoor ik ook terug van lezers. Natuurlijk lopen deze dames al een aantal boeken op me voor, maar mijn vierde is in de maak 
Mijn bewondering gaat al jarenlang uit naar twee giganten: Stephen King (ik houd van zijn geloofwaardige horror, The Shining met het onnavolgbare Overlook Hotel is mijn favoriet) en J.K. Rowling (ik ben Harry Potter–fan van het eerste uur. Ontdekt toen ik in mijn studententijd in Tilburg in een kinderboekenwinkel werkte).

Je bent communicatieadviseur en schrijver. Hoe zijn de uren in een week verdeeld over die twee beroepen?

Ik werk drie dagen op een gemeentehuis als communicatieadviseur en twee dagen als schrijver. Tenminste, tot 15.00 uur, want dan haal ik mijn twee kinderen uit school. De combinatie werkt voor mij, al vergt het zeker de nodige discipline. Gelukkig heb ik op het gemeentehuis een flexibele werkgever; als ik een keer een ‘schrijfweek’ nodig heb, is dat meestal geen probleem. En ik heb een man die me steunt en de kinderen opvangt als ik weer eens in een boekwinkel sta te signeren, anders zou dat niet gaan.

Als je aan een boek begint, maak je dan eerste een schema met een plot en de personages of werk je organisch?

Het is een mix van die twee. Ik ga uit van een idee, hoe klein dat ook is, een gegeven en van daaruit bedenk ik wat daaraan vooraf gegaan zou kunnen zijn en wat erop zou kunnen volgen. Ik denk niet een compleet plot uit, dat ontstaat gaandeweg, tijdens het schrijven. Verder maak ik persoonsbeschrijvingen en die gaan best ver: uiterlijk, karakter, familieomstandigheden, verleden, beroep, vrijetijdsbesteding etc. Toen ik begon met mijn nieuwste boek was dat niet meer nodig: hierin komen de hoofdrolspelers uit Paradijsvogels weer terug. Ik was nog niet met ze klaar, en zij trouwens ook nog niet met mij!

Hoe ziet een schrijfdag eruit, en waar werk je het liefst?

Die begint zo vroeg mogelijk. Ik hul me in vijf lagen kleding en trek me terug in mijn tuinhuis. Die lagen kleding zijn nodig, omdat het daar stervenskoud is, ondanks de nodige kacheltjes om me heen. Ik zet mijn oude internetloze computer aan, lees terug wat ik eerder heb geschreven en verlies mezelf in een andere wereld. Af en toe loop ik naar mijn huis voor een kop thee of toiletbezoek, maar verder is het alleen maar schrijven, schrijven, schrijven. Ik moet mezelf dwingen op de tijd te letten, anders sta ik pas om acht uur ’s avonds aan het schoolplein. (Dat is gelukkig nog nooit gebeurd).

Wat is de inspiratie geweest voor Paradijsvogels?

Een jaar of twaalf geleden bezocht ik op Aruba een vriendin die daar tijdelijk werkte. Samen hebben we het eiland doorkruist. Tijdens een etentje in een restaurant ontmoette ik op de toiletten een meisje. Het ging niet goed met haar en ze vroeg me om hulp. Op dat moment kon ik daar niet veel mee en dat ben ik nooit vergeten. Wat was er met haar aan de hand? Stelde ze zich aan of was er echt iets mis? En wat zou er gebeurd zijn als ik haar wel had geholpen? Had ik met haar mee moeten gaan? Onopgeloste vragen, die ik in het boek beantwoord. Ik heb bedacht hoe het gegaan zou kunnen zijn.

Paradijsvogels wordt verteld vanuit een wisselend perspectief. De hoofdrollen zijn voor Tara en Diego en afwisselend lezen we hun belevenissen. Had je dit al van tevoren bepaald of is dit tijdens het schrijven ontstaan?

Ik wilde graag een man in een hoofdrol. In mijn debuut De Toneelclub en in De Campus heb ik steeds een vrouw als hoofdpersoon gebruikt. Zo bleef ik dicht bij mezelf. Ik had er nu gewoon zin in ook een man toe te voegen, een duo: Tara & Diego. Samen beleven ze een avontuur, maar wel ieder vanuit hun eigen perspectief. Ze vullen elkaar aan en hebben daarnaast ieder een eigen achtergrond. Ik denk dat dat het verhaal gelaagder maakt, boeiend en dynamisch.

De thema’s in dit boek zijn onder andere corruptie en drughandel. Heb je hiervoor veel research moeten doen?

Ik werk op basis van fantasie, creativiteit en herinnering. Enkele zaken zoek ik op op internet, maar veel research doe ik niet.

Zijn deze thema’s ook een bewuste keuze geweest?

Aruba noemt zichzelf ‘One happy island’, dat triggerde me. Niets is wat het lijkt, zelfs niet een paradijselijk eiland waar toeristen met een cocktail op het strand genieten van de ondergaande zon. Juist op zo’n idyllische plek is het spannend dingen mis te laten gaan en een onverwacht verhaal te laten plaatsvinden. Ik heb Tara dat ook zo laten ervaren: ze voelt zich op het eiland niet op haar plek, ze valt met haar uiterlijk en kleding behoorlijk uit de toon. Als lezer voel je haar ongemak en snap je wat er op de cover staat: One happy island, maar nu even niet.

Je kondigde al aan dat de journalisten Tara Linders en Diego Martinez in je volgende boek terugkomen. Het werkt veel makkelijker als je steeds dezelfde personages gebruikt, omdat je ze beter leert kennen. Is dat de reden en hoeveel boeken denk je met die twee te gaan maken?

Ik zei het al, ik was nog niet met ze klaar en zij niet met mij. Het is geen kwestie van ‘makkelijker’. Ik heb die twee zo goed leren kennen, voor mij bestaan ze echt, dat ik nog geen afscheid van ze kan nemen. In verband met de promotie van Paradijsvogels en de feestdagen, neem ik even een schrijfpauze, maar ik kan niet wachten om in januari met ze verder te gaan. Ik wil niet alleen weten in welk avontuur ze dit keer verzeild raken, maar ook hoe het gaat op persoonlijk vlak. Klinkt misschien gek, maar dat weet ik zelf ook nog niet. Medio volgend jaar hoop ik mijn volgende boek te kunnen presenteren en dan weet ik of er nog meer verhalen met dit tweetal zullen volgen. Wat mij betreft nog zeker tien!

Ik wens alle medewerkers en lezers van Boekenbijlage gezellige feestdagen en een spetterend 2016!

Vragen: Wendy Wenning en Pieter Feller

Je kunt Nathalie volgen op FB en twitter en ze heeft haar eigen website.

Pin It

Comments are closed.

Boek van de Week

Nederlands grootste vissersdorp gefileerd

Categorie: Boek van de week, Mens & Maatschappij, Non-fictie, Religie

De ontdekking van Urk – Matthias M.R. Declercq – Podium – 326 blz. Bij de naam “Urk” zal iedere Nederlander wel denken aan vis, kotters, gelovig, kerken en een aantal zal wellicht ook denken aan…

Boek van de week archief

25-november-2020 | Lees verder | Reageer!