Onze man in Berlijn

31-oktober-2021 | Categorie: Boek van de week, Oorlogsboeken, Roman

Code Danzig – Erik Swaving Dijkstra – Stili Novi – 238 blz.

Cassandra was een dochter van Priamus, de koning van Troje. De god Apollo wilde met haar het bed delen. Als tegenprestatie eiste zij de gave om de toekomst te kunnen voorspellen. Apollo stemt toe maar Cassandra komt haar belofte niet na. Apollo sprak een vloek over haar uit waardoor niemand haar voorspellingen meer zou geloven. Zo voorspelde zij de val van Troje en waarschuwde voor het binnenhalen van het paard. De voorspelling was juist maar er was niemand die haar geloofde. Aan deze Griekse mythe hebben we de uitdrukking ‘cassandravoorspelling’ te danken: “sombere voorspelling waarin niemand gelooft”. De Cassandra-rol in dit boek wordt gespeeld door Bert Sas. Hij was deeltijd (één derde) militair attaché in Berlijn en tevens gestationeerd in Den Haag (twee derde) in 1936 en 1937. Hij werd teruggeroepen wegens kritische uitlatingen, maar door zijn goede contacten keerde hij in voltijd terug in 1939. De stationering stond onder het bevel van generaal Izaäk Reijnders, de voorganger van generaal Henri Winkelman (6 februari 1940)

Bert Sas volgde in 1932 een opleiding aan de Kriegsakademie in Berlijn. Daar leerde hij Hans Oster kennen. Oster kreeg een belangrijke functie bij de Abwehr, de militaire contraspionagedienst onder admiraal Wilhelm Canaris. Die hield hem steeds de hand boven het hoofd, want bij ingewijden was al aan het begin van de dertiger jaren bekend dat hij het naziregime verafschuwde. Hij was bij plannen voor een staatsgreep en plannen om Hitler te doden betrokken. In 1936 vonden Sas en Oster elkaar weer, evenals in 1939. Oster wist van het plan ‘Fall Gelb’, de voorgenomen aanval op Nederland, België en Frankrijk en speelde informatie door aan Bert Sas. Oster vond niet dat hij daarmee verraad pleegde, maar achtte het zijn plicht Duitsland “van het beest te bevrijden”.

De Nederlandse regering geloofde sterk in de neutraliteitspositie van ons land, zoals het bij de Eerste Wereldoorlog gewerkt had. Maar Sas had bij een militaire parade in Berlijn het nieuwe Duitse wapen van de ‘Fallschirmjäger’ gezien, toen wist hij genoeg! Alarmerende berichten van Sas, dat die neutraliteit geschonden zou worden, werden als onzin afgedaan. Hij heeft vaak gewaarschuwd, wel twintigmaal, maar hij had de ‘pech’ dat de aanval op het westen door de Duitse legerleiding steeds weer werd uitgesteld. Hierdoor vonden politici dat de meldingen van Sas niet geloofwaardig waren. Treffend is een uitspraak van Colijn na een waarschuwing in november 1939: „Men heeft zich bij ons dol laten maken door de voorlichting van onze militaire attaché te Berlijn, majoor Sas, een man, die men eigenlijk als een gevaarlijke gek moest opsluiten, in plaats van geloof te hechten aan zijn verhalen omtrent een inval, op een bepaalde datum, met nog een bepaald tijdstip er ook bij.”  Ook Sas’ directe chef, generaal Reynders dacht niet dat het zo’n vaart zou lopen. Bij zijn opvolger generaal Winkelman veranderde dat. Niet voor niets werd de mobilisatie uitgeroepen. Toen een Duits vliegtuig bij Maasmechelen een noodlanding maakte bleken er stukken aan boord die op Fall Gelb betrekking hadden, maar ook toen werden niet de noodzakelijke maatregelen getroffen. Wat als Sas wel geloofd zou zijn???

Uiteindelijk op 9 mei 1940 begreep men dat Sas’ laatste melding met de feiten overeenkwam. Met het codewoord “Danzig” werden telkens de berichten versleuteld. Deze laatste mededeling ging gepaard met het codewoord “Brief 210”, 200 voor het doorgaan van de aanval en 10 voor de datum. Het bericht werd ook doorgestuurd aan kolonel Goethals, de Belgische attaché.

Bert Sas is ondervraag tijdens de Parlementaire enquête naar het regeringsbeleid in de Tweede Wereldoorlog. Die ondervraging loopt vanaf het eerste hoofdstuk in flashbacks als een rode draad door het verhaal. Duidelijk blijkt dat hij zich danig miskend voelt en overtuigd is van de vooringenomenheid van de voorzitter, die zijn belevenissen vergelijkt met een jongensboek. Toch heeft zijn optreden geleid tot vervolgverhoren.

Over deze historische feiten bestaat ruime documentatie. Swaving Dijkstra heeft die verwerkt in een roman. Daar waar een non-fictie werk uitsluitend de feiten weergeeft, heeft een roman als voordeel dat ook de meningen en de gedachten erover aan de orde kunnen komen, zoals bij het verhoor van Sas. De auteur geeft de personages een karakter mee, dat hij destilleert uit hun gedragingen en reacties van anderen. Daarbij komen dan de levensechte dialogen (in het bijzonder die met Hans Oster), zoals ze uitgesproken zouden kunnen zijn, passend bij hun persoonlijkheid. Zeer suggestief zijn de beschrijvingen van niet uitgesproken gevoelens, bijvoorbeeld als het hoofd van de Generale Staf sectie IIIA het niet eens is met generaal Reynders: “Van de Plassche bestudeerde inmiddels geconcentreerd de houtnerf op het bureau van Reynders en pulkte wat in het hout”. Het verhaal wordt nu zeer levendig en leest als een thriller.

Sas moet wel een gefrustreerd man geweest zijn. Wat hij allemaal door politici en anderen naar zijn hoofd geslingerd kreeg, is niet mis. Gelukkig had hij ook medestanders. In Berlijn Jacobus de Beus van het gezantschap en tijdens zijn verblijf in Londen aan het begin van de oorlog werd hij door de Minister van Defensie, Adriaan Dijxhoorn gecomplimenteerd met zijn werkzaamheden.

Swaving Dijkstra bespaart zich de moeite niet om zeer gedetailleerd te werk te gaan, maar nooit overbodig. De sfeer die hij creëert is er een van de tijd waarin het verhaal zich afspeelt. Daarbij past hij ook zijn taalgebruik uitmuntend aan. Misschien had nog iets meer ‘couleur locale’ en zijn gezinsleven in Berlijn bijgedragen aan de body van de roman.

Code Danzig geeft een boeiend beeld over de vertrouwensband tussen Sas en Oster. Beiden worden uiteindelijk zwaar teleurgesteld, de eerste omdat veel van zijn superieuren een bord voor de kop hadden, de tweede omdat zijn inspanningen tegen de nazi’s niet het gewenste resultaat opleverden. Uiteindelijk kunnen we ook nu nog leren van de situatie. De thematiek is actueler dan je op het eerste gezicht zou zeggen. Cassandra is nog steeds onder ons, denk bijvoorbeeld maar aan de klimaatverandering. Een bewonderenswaardig debuut!

Kees de Kievid

Pin It

Laat een reactie achter

Voordat je een reactie kunt plaatsen dien je de volgende vraag te beantwoorden: *

Boek van de Week

Niet verlost van eenzaamheid

Categorie: Boek van de week, Literatuur, Roman

De verlossing van Jacob Smallegange – Rinus Spruit – Cossee – 152 blz. Niet Jacob Smallegange, maar Gerard Stroband, is de hoofdpersoon van deze kleine roman van Rinus Spruit. Gerard is het jongere alter ego…

Boek van de week archief

22-november-2021 | Lees verder | Reageer!