Operatie Amherst in Drenthe

28-april-2020 | Categorie: Geschiedenis, Non-fictie, Oorlogsboeken

Franse para’s in Drenthe – Harold de Jong – Koninklijke van Gorcum – 146 blz.

“Op 7 april ’s avonds, we waren net naar bed, hoorden we lawaai op de dakpannen. We gingen uit bed en er werd op de deur gebonsd. Franse parachutisten, twee of drie, kwamen binnen. Ik zei: ‘Pas op, Duitsers in onze schuur’. De Fransen schoten waarschuwingsschoten door de oude schuurdeur. Al gauw zat onze huiskamer vol met moffen en een paar Franse parachutisten.” (Lammert Slofstra)

Aldus de woorden van een betrokken burger bij operatie Amherst, in Drenthe die slechts een krappe vijf dagen heeft geduurd. De hoofdrolspelers zijn de Franse parachutisten, leden van het Drenthse verzet, Duitse bezettingseenheden, `goede` inwoners van Drenthe en fanatieke NSB´ers. Bezijden het hoofdverhaal komen ook nog de activiteiten van een `Jedburgh` en Belgische SAS-troepen aan de orde.

De codenaam Operatie Amherst staat voor de commandoactie in Drenthe, die begon in de nacht van 7 op 8 april 1945 en inclusief de uitloop duurde tot 12 april. De actie werd uitgevoerd door het tweede en derde bataljon van de SAS (Special Air Service) voorheen het Franse Deuxième en Troisième Régiment de Chasseurs Parachutistes. In totaal 702 manschappen, waaronder vier Nederlanders en een Syriër. De actie had als hoofddoel de weg vrij te maken voor de opmars van de Canadezen (het Tweede Canadese Legerkorps) naar Groningen. Subdoelen waren daarbij het voorkomen dat bruggen werden opgeblazen en te zorgen dat de vliegvelden van de Duitsers bij Eelde en Havelte in geallieerde handen terechtkwamen. Ook het verstoren van Duitse verbindingen en het veroorzaken van desoriëntatie behoorden tot de doelstellingen, zodat de Canadezen weinig weerstand zouden ondervinden.

De twee Franse bataljons zijn ingedeeld in ‘sticks’, dat zijn groepen van ongeveer vijftien parachutisten verdeeld over 47 groepen. De dropping van de sticks zou moeten plaatsvinden op vooraf geplande gebieden, die op een kaart in het boek vermeld zijn. Ook de bevelhebber van elke stick wordt door De Jong genoemd. Per dropzone zouden een tot drie sticks op Drenthse bodem moeten landen.

Planning is één zaak, de werkelijkheid is vaak anders en minder gunstig, zoals ook hier. De weersomstandigheden waren niet ideaal: dik laaghangend wolkendek en een straffe wind. De para’s moesten van grotere hoogte uitspringen dan ze gewend waren. De sticks kwamen daardoor niet steeds op de juiste plaats terecht en ze moesten zich via burgers zien te oriënteren. De jeeps (in drie sticks, vooral bij de vliegvelden) konden helemaal niet worden gedropt, wat slecht was voor de mobiliteit.

De strijd na de landing is soms hevig, soms geheel afwezig – één stick landde namelijk in reeds bevrijd gebied. De Jong verdeelt de gevechtshandelingen over acht plaatselijke locaties en één voor de overige sticks. De acties tijdens de gevechten beschrijft de auteur met grote precisie, waar mogelijk zelf met namen en toenamen van de betrokkenen. Hierbij speelt ook de steun van het Nederlandse verzet en gewone burgers aan de Fransen een rol. In een apart hoofdstuk geeft De Jong een samenvatting van de gevechtsacties, waarbij een prachtige uitvouwbare overzichtskaart is opgenomen, zodat ook de acties op locatie zeer gedetailleerd gevolgd kunnen worden.

In dezelfde nacht als de Fransen werd ook een Jedburghteam gedropt bij Hooghalen ten zuiden van Assen. – Jedburghs van de SOE (Special Operations Executive) hadden de taak het verzet te organiseren en instrueren, wapendroppings te regelen en waar mogelijk sabotagedaden te verrichten. – Tot dit team (codenaam Dicing) behoorden de Nederlanders Carel Ruys van Dugteren en Arie Bestebreurtje. Bij de wapendropping waren de SAS-Fransen nuttig bij het uit de weg ruimen van Duitsers. Uitstekende hulp kreeg het team van verzetsleider Teun Leever, die als jachtopziener heel goed met de plaatselijke omstandigheden bekend was. Frappant is dat Ruys van Dugteren de eerste Nederlander was die het bevrijde kamp Westerbork in kwam.

Net als de inzet van de Franse para’s is ook die van de Belgen (binnen operatie Larkswood) weinig bekend. Zij behoorden tot het 5de regiment SAS en hadden een belangrijk aandeel in de bevrijding van Coevorden. Zij sloten zich aan bij de Franse para’s om de linkerflank van de geallieerde opmars te beveiligen.

Strijd kost helaas slachtoffers. Onder de Franse para’s waren dat er drieëndertig. Vier Fransen (in uniform) werden door de Duitsers geëxecuteerd, een regelrechte oorlogsmisdaad! Daarnaast waren meer dan negentig burgerdoden te betreuren, voornamelijk vergeldingsexecuties. De Jonge wijst terecht op dit brute optreden, terwijl voor de Duitsers duidelijk moest zijn dat de strijd eigenlijk al verloren was. Zelfs schoot een fanatieke NSB’er vanuit zijn huis twee bevrijders dood.

Weliswaar bevat dit boek een uitgebreide lijst met bronnen, toch is te betreuren dat er geen ‘noten’ zijn opgenomen waaruit blijkt welke gebeurtenissen uit welke bron afkomstig zijn. Van enkele frases is zelf een letterlijke bron te ontdekken. Wel vinden we een personenregister. Waarbij moet worden opgemerkt dat De Jonge behoorlijk wat citaten van betrokkenen heeft opgenomen, wat het boek een indringend karakter geeft.

Zeer welkom, deze aanvulling op gevechtshandelingen op Nederlandse bodem tijdens de Tweede Wereldoorlog, in een gedegen onderzoek en verslag.

Kees de Kievid

Pin It

Comments are closed.

Boek van de Week

Monument voor een tante

Categorie: Biografie & Autobiografie, Boek van de week, Columns & Korte verhalen, Non-fictie

Tante Jo – Sander Donkers – Lebowski – 160 blz. Sander Donkers (1967) is journalist, schrijver en columnist voor de Volkskrant. Hij schreef eerder een biografie over de zanger van The Golden Earring, Barry Hay,…

Boek van de week archief

13-november-2020 | Lees verder | Reageer!