“Schrijven is gewoon werk”

11-maart-2017 | Categorie: Interview

Jet van Vuuren is het pseudoniem van de Nederlandse thrillerschrijfster Hennie de Groot (Amsterdam, 28 december 1956). De Groot, die ook werkzaam is als beeldend kunstenaar, debuteerde in 2011 als Jet van Vuuren met de thriller Zomerdruk. Daarvoor had ze tweemaal de verhalenwedstrijden van dagblad Trouw gewonnen, waarmee ze een masterclass van Kristien Hemmerechts won. Ze gaf creatieve workshops en cursussen waarvan het boek Nazomeren, waarom het leven leuker is als je geen twintig meer bent een direct resultaat was en de aanleiding vormde tot haar verdere schrijverschap. Sindsdien richt ze zich nog uitsluitend op schrijven en is gestopt met haar beeldende werk. Ook is ze parttime werkzaam als bibliothecaris bij De nieuwe bibliotheek in Almere. Haar meest recente boek is Papadag, een boek met de thema’s stalking, dementie en moord.

Je schrijft onder een pseudoniem. Waarom, en waarom Jet van Vuuren en bijvoorbeeld geen internationaal klinkende naam?

Dat pseudoniem was een idee van mijn uitgever. Hij wilde de lezer niet het gevoel geven dat een man (de naam Hennie kan ook van een man zijn) typische vrouwenthrillers schreef. Bovendien werkte ik al onder mijn eigen naam als beeldend kunstenaar. De naam Jet van Vuuren past dan ook helemaal bij de zo typische Hollandse thrillers die ik schrijf. Laat mij maar lekker met beide benen in de kleigrond staan, daar voel ik me senang bij. En mochten ze internationaal belangstelling hebben, dan maakt die naam het juist extra leuk!

Je bent naast schrijver ook schilder. Een ideale combinatie om een boek te maken met eigen illustraties.

Dat heb ik een keer gedaan met het boek Nazomeren dat ooit is uitgegeven bij uitgeverij Artemis &co in Amsterdam. Dat was een mooi project. Van daaruit ben ik meer gaan schrijven. Schilderen en illustreren doen een ander appel op mijn brein dan schrijven. Ik heb gemerkt dat ik die twee disciplines niet goed kan combineren. Voorlopig blijft het dus bij alleen schrijven.

Hoe ga je bij het schrijven te werk. Maak je een schema met plot en uitgewerkte personages of werk je organisch? Duikt er ook wel eens een personage op dat je van tevoren niet had bedacht?

Ik maak nooit schema’s en werk altijd organisch, verhalen beginnen bij mij met personages. Ik knip soms plaatjes uit van mensen als houvast, dat maakt het makkelijker als je over bepaalde kenmerken van mensen schrijft. Verder is er altijd een decor, de plaats van handeling (ergens in Nederland) en een aanleiding: iets uit het nieuws of een artikel (vaak vrouwendingen) dat me heeft getriggerd. Soms word ik verrast door personages die aanvankelijk niet belangrijk leken maar in de loop van het verhaal steeds meer invloed krijgen. Dat zijn hele bijzondere ontdekkingen. In Papadag was dat bijvoorbeeld Pieter…

Heb je een vaste schrijfplek en vaste schrijftijden?

Ja, ik schrijf iedere dag en altijd op mijn piepkleine en zomers bloedhete zolderkamer met uitzicht op de muur. Ik heb daar geen afleiding, het is er heel saai. Heerlijk! Schrijven is gewoon werk. Mijn schrijf dag begint om 09:00 uur en eindigt om 17:00 uur. Tussendoor eet ik een boterham en wandel met de hond. Tijdens het wandelen ontdek ik van alles over mijn personages.

Er zijn alleen in Nederland al tientallen thrillerschrijvers. Kost het je moeite om een originele plot te bedenken?

Eerlijk gezegd denk ik tijdens het schrijven nooit aan al die andere thrillerschrijvers die er zijn. Het verhaal dat ik wil vertellen is mijn verhaal, ik probeer daar voor mezelf een zo’n spannend mogelijk plot bij te verzinnen. Iets dat niet voor de hand ligt en waarvan ik hoop dat mijn lezers dat zullen waarderen.

Wie zijn je voorbeelden in de thrillerliteratuur?

Ook hierin zal ik misschien afwijken van anderen, maar ik lees nauwelijks thrillers. Als ik met een boek bezig ben lees ik uitsluitend boeken die te maken hebben met mijn onderwerp van dat moment, vaak is dat non-fictie. Als ik dan toch ter ontspanning een thriller lees dan wordt het Nicci French. Ik houd van de zo typische Engelse sfeer die in hun thrillers zit. Lekker langzaam en heel duister. Niet te veel bloed.

Je schrijft graag boeken met sterke – en vaak ook verknipte – vrouwen in de hoofdrol. Wat trekt je zo aan in hen?

Ik schrijf sowieso liever over vrouwen dan over mannen, vrouwen zijn over het algemeen gecompliceerder en onvoorspelbaarder dan mannen. Ik kan me dan ook helemaal verliezen in de psychologie van vrouwelijke personages. Hun valsheid en jaloezie, maar ook de zachtheid en kwetsbaarheid waaronder ze soms gebukt gaan. Al die kenmerken vormen voor mij een uitdaging om over te schrijven.
Mannen zijn in thrillers vaak zo recht-toe-recht-aan, (ze zijn sterk en schieten veel) ze passen niet bij mijn genre. Bij mij zijn de mannen heel geschikt als flat character, boosdoener of slachtoffer. Eigenlijk zijn de meeste vrouwen in mijn boeken best aardig, ze hebben alleen een beetje pech gehad in het leven en daardoor zijn ze wat verknipt geraakt.

Van al je boeken, is er een personage waarvan je het jammer vindt dat je afscheid van hem/haar hebt moeten nemen?

Wat een leuke vraag, hier moest ik even wat langer bij stilstaan. Na het afronden van een boek ben ik vaak alweer bezig met een volgend boek. Dat betekent dat ik afscheid heb genomen van de personages om me te kunnen concentreren op een nieuw verhaal met nieuwe personages. Toch kwam er uiteindelijk één vrouw bovendrijven die me nog steeds na aan het hart ligt en waarvan ik best zou willen weten hoe het haar nu vergaat daar in de Achterhoek: Myrthe uit Bed & Breakfast. Ook zij deed dingen die niet konden, maar ik mocht haar. (Klinkt dit niet wat raar als je het over fictie hebt?)

In Papadag spelen zich hoofdstukken af in het heden en hoofdstukken in 1979-1980. Wat vond je zelf het leukst om uit te werken?

Alles was leuk. Maar doordat de flashbacks een tijdsbeeld lieten zien en een plaats van handeling (de roeiclub) waren die intensiever om te schrijven. De feiten moeten kloppen. Daar heb ik zeker heel veel plezier aan beleefd. Schrijven is zo leuk, weet je…

Papadag heeft een nogal heftige ontknoping. De ene lezer vindt het prachtig, de ander zal er van schrikken. Wat was voor jou de overweging om toch zo’n einde te schrijven?

De belangrijkste overweging voor mij was of Maud dit moest doen. Zij is zo gefocust op het ideale gezin (ze komt zelf uit een niet ideaal gezin) dat ze de werkelijkheid uit het oog verliest. Voordat ik de plot schreef had ik aan een goeie vriendin met kinderen gevraagd hoe ver een moeder kon gaan (zelf heb ik geen kinderen) Deze vriendin, die overigens dol is op haar zonen, antwoordde dat moeders net mensen zijn, en niets menselijks was haar dus vreemd. Dat gaf voor mij de doorslag. Net als bij die klassieke Griekse drama’s waarin moeders tot veel in staat zijn. Maar ik wil verder niet te veel verklappen voor de mensen die het boek nog moeten lezen. Bovendien is Papadag een thriller, daarin mogen heftige dingen, toch?

Inmiddels heb je een naam opgebouwd als schrijfster van vlotte thrillers. Voel je daardoor ook druk als je aan een nieuw boek werkt?

Nee, mijn stijl is mijn stijl en kennelijk is die vlot. Ik kan moeilijk anders, zal ik maar zeggen… waar ik wel af en toe onzeker van word en een zekere druk bij ervaar, zijn al die sterren die mijn boeken krijgen. Het worden er steeds meer. Terwijl ieder verhaal, hoe wrang soms ook, uit mijn geest is ontsproten, en met evenveel liefde en intentie is gecreëerd. Ik hou van allen evenveel. Hoewel ik dus dankbaar ben voor al die sterren probeer ik me er maar niet al te veel van aan te trekken en ga gewoon door met het volgende boek.

Vragen: Felice Beekhuis en Pieter Feller

Pin It

Comments are closed.

Boek van de Week

Nederlands grootste vissersdorp gefileerd

Categorie: Boek van de week, Mens & Maatschappij, Non-fictie, Religie

De ontdekking van Urk – Matthias M.R. Declercq – Podium – 326 blz. Bij de naam “Urk” zal iedere Nederlander wel denken aan vis, kotters, gelovig, kerken en een aantal zal wellicht ook denken aan…

Boek van de week archief

25-november-2020 | Lees verder | Reageer!