Vrouwen bereidden D-Day voor

2-juli-2020 | Categorie: Non-fictie, Oorlogsboeken

D-Day Girls – Sarah Rose – vertaling: Gerrit-Jan van den Berg – Karakter – 463 blz.

In juli 1942 circuleerde bij een klein aantal oorlogsplanners een memorandum. Er stond in dat de Amerikanen en Britten het noodzakelijk vonden een tweede front op het vasteland van Europa (i.c. Frankrijk) te creëren. Daarmee zouden de Russen geholpen worden omdat Hitler dan aan twee fronten moest strijden. De plannenmakers moeten gezocht worden bij de SOE (Special Operations Executive), een afdeling gespecialiseerd in “onfatsoenlijke oorlogvoering” in door de nazi’s bezette landen.

Wegens gebrek aan ‘mankracht’ opperde kapitein Selwyn Jepson het idee ‘vrouwkracht’ in te zetten, een nogal revolutionair plan. Er blijkt vooralsnog geen waardering voor het plan te bestaan, totdat hij het aan de hoogste oorlogsleider, Winston Churchill, voorlegt. Die geeft hem toestemming met de woorden “Alle succes”. Sarah Rose is een vrouwelijke journaliste en geen afgestudeerde, gespecialiseerde historicus. Waarschijnlijk hierdoor wordt de betreffende scène (en andere) door haar neergezet met een relativerende humor, die niet in het hoofd van een Phd-geschiedschrijver zou zijn opgekomen. “In de gelambriseerde vergaderruimtes van Londen (…) deelde het Britse topechelon sigaren en geruchten met elkaar.” Churchill typeert zij als “een al wat oudere brombeer die als voormalig journalist zwaarwichtige essays over de oorlog ter zee en slagschepen had geschreven”. Toch beseft ze wel degelijk de ernst van de zaak: “de vreselijkste oorlog waarin de wereld ooit verzeild was geraakt”.

Jepson zoekt dus vrouwelijke rekruten om die op te leiden tot geheim agent op Franse bodem “om het verzet te voeden, te financieren, te bewapenen, te organiseren, te trainen en aan te sturen”. Hij vergewist zich ervan dat het internationale recht geen beletsel vormt om hiervoor vrouwen in te zetten, En het moeten natuurlijk vrouwen zijn die het Frans als ‘native speaker’ beheersten. Hij komt daarbij vaak uit op Françaises die met een Engelsman zijn getrouwd. Een van de kandidaten is Odette Sansom. Rose beschrijft haar als “een vrouw met een ongelukkig huwelijk. (…) Hoewel ze het overgrote deel van haar volwassen leven in Engeland had gewoond, had Odette haar continentale manier van doen nooit helemaal afgeleerd, en had daar ook nooit moeite voor gedaan; het ijzige Groot-Brittannië wekte de indruk onverschillig te staan tegenover seks en vrouwen. Met een onstilbare flair voor het theatrale, maakte Odette zich mooi en de mannen in kaki raakten in extase. Er werd zelfs beweerd dat ze glimlachte in het Frans.”

Naast Odette voert Rose nog vijf andere hoofdspersonen uit de groep Corps Feminin op – Totaal waren er negenendertig vrouwen geselecteerd. – Het zijn Andrée Borel, Lise de Baissac (van Mauritius, Franstalig toenmalig Engels gebied), Yvonne Rudellat, May Herbert en Francis Suttil. Allemaal krijgen ze een zware opleiding, die door menige man niet gehaald wordt. Op verschillende tijdstippen en plaatsen komen ze in Frankrijk terecht, soms gedropt soms via het ‘vrije’ Franse zuiden.

Hun ‘werk’ is zo ongeveer het zwaarste dat er bestaat. Het beeld dat de auteur daarvan schets, grenst aan het ongelooflijke, zowel fysiek als emotioneel. Vergissingen zijn uit den boze, er kunnen velen het slachtoffer van worden. Hun spionagewerk kent vele kanten. Ze begeleiden bijvoorbeeld de ontvangst van wapendroppings, voeren sabotagedaden uit – veelal gericht op het verstoren van verbindingen – leiden het Franse verzet in goede banen en trainen jonge Fransen, vaak nog tieners, in het verzetswerk. Dat alles onder de constante spanning vanwege de vraag wie er te vertrouwen is en wie niet. De eenling is minder belangrijk, het team staat altijd voorop.

Niet altijd gaat alles goed. Andrée Borel wordt op gruwelijke wijze geëxecuteerd. Yvonne Rudellet belandt in Bergen-Belsen is ernstig ziek en heeft een kogel in haar hoofd. Ze overlijdt binnen enkele dagen na de bevrijding. Odette Sansom wordt door de Gestapo gearresteerd en ondergaat verschrikkelijke martelingen: gebroken botten, uitgetrokken nagels en nog veel meer. Maar ze houdt haar mond stijf gesloten en verraadt niets of niemand! Uiteindelijk hebben veertien vrouwen van de groep van negenendertig hun inzet met de dood moeten bekopen.

Toch kan er van een succesvolle operatie gesproken worden. De Duitsers hadden gedacht in een dag of drie na D-Day voldoende troepen in de regio te hebben om de aanval af te slaan. In plaats daarvan waren de verbindingen dusdanig verstoord dat het ze veel langere tijd kostte. Schattingen daarvan lopen wat uiteen, maar het zou zo maar eens drie weken kunnen zijn geweest.

Na de oorlog worden de overlevende vrouwen onderscheiden met o.a. het George Cross (voor civiele inzet). Schrijnend dat mannelijke collega’s een hogere onderscheiding ten deel viel, terwijl voor de vrouwen ook nog eens hun rang én daardoor hun pensioen lager was.

Rose vertelt de gebeurtenissen in chronologische volgorde en ze ‘behandelt’ nogal veel personen. De echte protagonisten komen daardoor wat verspreid in het boek terecht. Enerzijds verhoogt dit wat spanning, maar anderzijds is hun (emotionele) ontwikkeling daardoor moeilijker te volgen. Soms gaat de auteur wel heel erg ver in de beschrijving van alle mogelijke details, zodat er weer wat spanning verloren gaat. Dat laatste gebeurt ook door de opname van belevenissen die waarschijnlijk enigszins anekdotisch zijn.

Het allergrootste pluspunt van het verhaal is echter het vermogen van Rose om menselijke emoties te verweven met documentair materiaal, dat nog maar kortgeleden aan de openbaarheid is prijsgegeven. Door niet alleen deze feitelijke gegevens op te sommen, maar ook de innerlijke gevoelens van haar protagonisten een belangrijke rol te laten spelen, komen die zodanig tot leven dat je sterk met hen gaat meevoelen en je zodanig gaat meeleven alsof je erbij bent geweest. Vergeet bij al het leeswerk de “noten” niet. Ze vullen het verhaal wezenlijk aan!

Wil je meer weten over de andere vrouwen van de groep, lees dan: Kate Vigurs – The women agents of the SOE (2012) en Bernard O’Connor – SOE Heroines…(2018). Misschien een ideetje voor de uitgever: zijn deze werken al vertaald voor de Nederlandse lezer?

De beroemde schrijver Erik Larson zegt over dit boek: ‘Aangrijpend … spionnen, romantiek, Gestapo-criminelen, opgeblazen treinen, moed en verraad (veel verraad) – en het is allemaal waar.’

Kees de Kievid

Pin It

Laat een reactie achter

Voordat je een reactie kunt plaatsen dien je de volgende vraag te beantwoorden: *

Boek van de Week

Klein literair juweel

Categorie: Boek van de week, Literatuur, Novelle

De zondagen van Jean Dézert – Jean de la Ville de Mirmont – Vertaling Mirjam de Veth – Uitgeverij Oevers -122 blz. De zondagen van Jean Dézert is een bijzondere novelle. Het verhaal is al…

Boek van de week archief

10-augustus-2020 | Lees verder | Reageer!