Een efficiënte vechtmachine

30-juni-2018 | Categorie: Geschiedenis

Romeinse legioenen – Adrian Goldsworthy – vertaling Jetty Huisman – Uitgeverij Omniboek – 282 blz.

De Romeinse legioenen zijn onlosmakelijk verbonden met het succes van het Oude Rome. Dankzij dit leger kon de stad zijn macht aanzienlijk uitbreiden en eeuwen lang in stand houden. De Britse historicus Adrian Goldsworthy onderzocht de ontwikkeling van het Romeinse leger vanaf zijn vroegste oorsprong tot zijn gloriedagen op het hoogtepunt van het rijk. Hierbij heeft hij niet alleen oog voor het grote kader van de organisatie van dit leger maar ook voor de diverse aspecten van het soldatenleven zelf.

Tot aan de hervormingen van Marius rond de tweede eeuw v.C. was het Romeinse leger een tijdelijke militie die gevormd was door burgers die volgens de census over voldoende bezittingen beschikten om in aanmerking te komen voor de krijgsdienst. Jaarlijks besliste de senaat over het aantal soldaten en waar ze naar toe moesten. De soldaten betaalden zelf hun uitrusting.

Door de aanwinst van overzeese provincies ontstond er behoefte aan grote, permanent gevestigde garnizoenen wat inhield dat de legionairs nu jaren lang aaneengesloten dienst moesten doen. Dit was voor de kleine landeigenaars die het leeuwendeel vormden van de burgers die voor militaire dienst in aanmerking kwamen, een onhoudbare situatie. Een beroepsleger werd in het leven geroepen waarbij de staat de uitrusting betaalde.

De hoofdbrok van dit boek gaat dan ook over dit beroepsleger. Naast de samenstelling, uitrusting en tactiek van het leger besteedt de auteur heel wat aandacht aan het leven van de individuele Romeinse soldaat: de dagelijkse routine, de beloningen, de vrije tijd, de taken in vredestijd, de uitrusting en de godsdienstbeleving. Ten slotte bespreekt de auteur nog de veranderingen die optraden in de laat-Romeinse tijd. Een zwakke centrale overheid, problemen op sociaal en economisch gebied en vooral de niet-aflatende burgeroorlogen zorgden ervoor dat het voor de staat niet langer mogelijk was om een effectief en sterk leger in stand te houden. De ondergang van het West-Romeinse rijk werd een feit.

De auteur besteedt ook wat aandacht aan de marine. Die stelde bij de Romeinen niet zo veel voor. Enkel tijdens de Punische oorlogen tegen Carthago zullen de Romeinen een eigen vloot uitbouwen waarvan de schepen kopieën waren van de Carthaagse. Ze voorzagen de schepen wel van een eigen uitvinding nl. een loopplank die bij het enteren werd neergelaten waarna de troepen het vijandelijke schip konden bestormen.

Adrian Goldsworthy (1969) is een Brits historicus en auteur die vooral gespecialiseerd is in de geschiedenis van het Oude Rome met nadruk op het Romeinse leger. Hij schreef reeds diverse boeken over dit onderwerp en ook enkele novellen die zich afspelen in de tijd van Napoleon. Het boek Romeinse legioenen is een vertaling van een werk dat reeds in 2003 werd gepubliceerd onder de titel The Complete Roman Army. Het werk is wetenschappelijk zeer goed onderbouwd. De auteur schrijft verder verbazend vlot, ondanks het feit dat zijn boek vol details zit en bol staat van informatie. Het werk is voortreffelijk en overvloedig geïllustreerd met voornamelijk zwart-witafbeeldingen. Op heel wat foto’s zijn re-enactors afgebeeld maar ook heel wat foto’s van taferelen op triomfbogen, zuilen en grafstenen ondersteunen zeer goed de tekst. In het middenkatern zijn kleurenillustraties opgenomen. Hier worden de beschrijvingen gegeven van enkele belangrijke veldslagen in de Romeinse geschiedenis zoals de Slag bij Cannae, de Slag bij Pharsalus en de belegering van Massada. Daarnaast beschikt het boek nog over heel wat schema’s, kaarten en tabellen. Achterin nog een verklarende woordenlijst en personenregister. Jammer dat geen werk werd gemaakt van een uitgebreider register! Ook de literatuurverantwoording is heel kort, terwijl voor de fotoverantwoording gewoon wordt verwezen naar de Engelstalige uitgave.

Met recht en rede kan worden gesteld dat dit boek een echt standaardwerk is over het Romeinse leger. Een aanrader voor zowel de geschoolde classicus als de geïnteresseerde leek.

Kris Muylle

Pin It

Comments are closed.

Boek van de Week

Levensfasen, Freud en jodenhaat

Categorie: Boek van de week, Literatuur, Roman

De Weense sigarenboer – Robert Seethaler – vertaling Liesbeth van Nes – De Bezige Bij – 255 blz. De 17-jarige Franz Huchel ontwikkelt zich van adolescentie tot volwassenheid, dus kunnen we dit boek (als we…

Boek van de week archief

15-juli-2018 | Lees verder | Reageer!