Jobien Berkouwer profiler en schrijver

27-augustus-2016 | Categorie: Interview

JobienJobien Berkouwer werkte vijftien jaar in diverse functies voor de Nederlandse politie. Ze is voormalig hoofdinspecteur van politie en juriste. Tegenwoordig is ze werkzaam als profiler en adviseur voor bedrijven en particulieren bij het oplossen van zaken als stalking, afpersing en bedreiging. Ze is getrouwd, heeft een zoon en woont in Amsterdam. Over Zomermeisjes: De jonge Amsterdamse rechercheur Lot van Dijk moet tot haar teleurstelling aan de slag bij het korps Twente – ver weg van waar het volgens haar allemaal gebeurt. Ze wordt gek van verveling, totdat tijdens een nachtdienst ineens het lijk van een tienermeisje wordt gevonden in een afgelegen hutje in het bos. Voor Lot is het al snel duidelijk dat het meisje onderdeel is van de fantasie van een gevaarlijke seriemoordenaar. Ze weet zeker dat er meer slachtoffers zullen volgen en staat te trappelen om aan haar eerste echte zaak als profiler te beginnen. Door de mannelijke collega’s binnen het korps, die haar specialisme met grote scepsis bekijken, wordt ze echter behoorlijk tegengewerkt. Dan wordt er een tweede slachtoffer gevonden… Zomermeisjes is een zenuwslopende psychologische thriller.

Je hebt vijftien jaar bij de politie gewerkt. Wilde je als kind al bij de politie gaan werken of had je heel andere plannen?

Ja! Als kind wilde ik al bij de politie werken. Toen ik in 5 VWO zat heb ik een brief geschreven naar de Politieacademie waarin ik om informatie over de opleiding vroeg. Ik ben uiteindelijk toch eerst Rechten gaan studeren, maar toen ik eenmaal in de advocatuur werkte, vond mijn moeder na jaren die brief weer, en toen besefte ik dat ik toch bij de politie wilde. Dat was een eureka moment voor mij: zo van ‘o ja dat wilde ik doen!’. Ik ben toen meteen naar de Politieacademie gegaan en heb nooit spijt gehad!

De meeste schrijvers lazen in hun jeugd veel en schreven ook verhaaltjes. Hoe ging dat bij jou?

Ik las ook ontzettend veel als kind en mijn vader las altijd voor bij het naar bed gaan. Ik las van Thea Beckman Kruistocht in spijkerbroek, maar ook De Gebroeders Leeuwenhart van Astrid Lindgren, Koning van Katoren van Jan Terlouw, Alleen op de wereld van Hector Malot, al die klassiekers. En op de basisschool schreef ik eens een opstel waar ik een 10 voor kreeg, ik was zo trots, dat heb ik nooit vergeten. Op de Politieacademie schreef ik ook al mijn eerste ideeën voor een thriller op.

Welke boeken lees je tegenwoordig? Vooral thrillers of ook andere genres?

Veel thrillers, meestal in het Engels.

Welke schrijvers bewonder je of zijn zelfs je voorbeelden?

In mijn studententijd heb ik alle boeken van Paul Auster verslonden. Ook The Fountainhead van Ayn Rand is een favoriet van mij en The unbearable lightness of being. Later begon ik vooral non-fictie te lezen over bekende seriemoordenaars van FBI agenten als Robert Ressler en John Douglas. Ik wilde daar toen alles over weten en leren. Daarom heb ik ook een tijdje gewerkt bij de Profiling Unit van de politie in Stockholm, een hele mooie leerzame tijd was dat!

Toen je werkzaam was bij de politie heb je waarschijnlijk veel rapporten moeten schrijven. Heeft dat geholpen bij het schrijven van Zomermeisjes?

Ja, leren om zorgvuldig te formuleren heeft zeker geholpen. Als jurist houd ik sowieso van schrijven en in de advocatuur heb ik geleerd om kort en bondig te schrijven, zonder ellenlange bijzinnen die niemand begrijpt. Later bij de politie heb ik geleerd om een verhaal, bijvoorbeeld van een slachtoffer, getuige of verdachte, goed in een proces verbaal neer te zetten. Het vak ‘proces-verbaal’ was mijn favoriete vak op de Politieacademie, naast leren schieten.

Heb je een schrijfcursus gevolgd? Zo ja, welke?

Nee, wel boeken gelezen over storytelling en veel hulp gehad van mijn uitgever A.W. Bruna.

Heb je Zomermeisjes laten lezen door proeflezers en heb je wat aan hun commentaar gehad?

Ja, ik had meerdere meelezers, bijvoorbeeld Jan Wilzing, mijn voormalig korpschef en Carlo Schippers, gedragskundige bij de Nationale Politie, zeg maar profiler van het eerste uur in Nederland. Verder Frank van de Goot, forensisch patholoog, ik wilde zeker weten dat alle gruwelijke details klopten.

Over Zomermeisjes:

Het boek Zomermeisjes gaat over een jonge profiler bij de Twentse politie. In hoeverre is dat gebaseerd op jouw eigen werkverleden?

De zaak en dader in Zomermeisjes zijn fictief maar uiteraard wel gebaseerd op mijn expertise en ervaringen met andere moord- en zedenzaken. De ervaringen van Lot zijn (bijna) allemaal waargebeurd.

Je zet in het boek Twente niet echt positief neer. Waarom heb je ervoor gekozen dit gebied te gebruiken als achtergrond voor Zomermeisjes, en heb je er ervaring mee dat men in de landelijke gebieden anders tegen bepaalde politietechnieken aankijken?

Eerst is Lot misschien niet zo positief over haar Twentse collega’s, maar later in het boek groeit het respect van Lot voor hen en waarderen ze elkaar meer en meer. Dat heb ik ook zo ervaren. Met Jaap en Lot zat het natuurlijk vanaf het begin al goed. Ik heb in de korpsen Amsterdam, Twente en IJsselland gewerkt. Het was ook echt zo dat ik van Amsterdam naar Twente verhuisde en voor een heel ander korps ging werken. Daar kijken ze niet anders tegen bepaalde politietechnieken aan, zoals je vraagt, maar de cultuur is wel anders. Veel meer ‘ons-kent-ons’. Dus ja zo’n beetje alles wat Lot bij de politie Twente meemaakt in Zomermeisjes, heb ik daar ook echt mee gemaakt.

Een belangrijk kenmerk van de dader in het boek is necrofilie. Hoe kom je er zo’n onderwerp? Heb je een fascinatie voor het onderwerp?

Nou nee hoor. Wat mij meer in het algemeen fascineert is waarom daders deze afschuwelijke delicten plegen, wat hen drijft tot dit gedrag. Mijn fascinatie komt voort uit een behoefte om dat te doorgronden en die daders sneller te pakken. Zo draag ik hopelijk mijn steentje bij om de samenleving iets veiliger te maken.

Komen er nog meer politiethrillers met Lot in de hoofdrol?

Dat zou leuk zijn, er zijn al lezers die erom vragen en benieuwd zijn naar wat er verder met Lot gebeurt. Bovendien loopt de verkoop van Zomermeisjes goed. Ik heb 15 jaar ervaring opgedaan bij de politie, dus materiaal genoeg. De smaak heb ik in ieder geval te pakken en ik zou het heel leuk om een deel twee te schrijven. Ik heb veel voldoening en energie gekregen van het combineren van mijn eigen politie-ervaringen met het creatieve proces van een boek schrijven.

Vragen: Felice Beekhuis en Pieter Feller

Pin It

Comments are closed.

Boek van de Week

Nederlands grootste vissersdorp gefileerd

Categorie: Boek van de week, Mens & Maatschappij, Non-fictie, Religie

De ontdekking van Urk – Matthias M.R. Declercq – Podium – 326 blz. Bij de naam “Urk” zal iedere Nederlander wel denken aan vis, kotters, gelovig, kerken en een aantal zal wellicht ook denken aan…

Boek van de week archief

25-november-2020 | Lees verder | Reageer!