Opgroeien in de Bijlmer

20-december-2018 | Categorie: Literatuur, Roman

Een Bijlmerliedje – Diana Tjin – In de Knipscheer – 183 blz.

Er zijn momenten in ieders leven, dat men zich belangrijke dingen gaat afvragen. Dat kunnen allerlei vragen zijn zoals; ‘wie ben ik?’, ‘zit ik wel goed in m’n vel?, ‘hoe denken anderen over mij?’, hoe en waar sta ik in de maatschappij?’, ‘wat is de betekenis van het leven?. Veel van deze vragen worden gesteld in de puberteit, de periode waarin het kind zich ontwikkelt tot jong volwassene. Als dit het (hoofd)thema is van een roman, noemen we het een coming-of-age-roman. Het is een genre binnen de bildungsroman of in beter Nederlands, de ontwikkelingsroman, die tegenwoordig behoorlijk populair is, ook bij volwassenen, omdat er zeker wat nostalgie in te ontdekken valt. Die populariteit is niet zo verwonderlijk, immers er worden vragen gesteld – en soms ook beantwoord – die eigenlijk iedereen aangaan en zeer tijdloos zijn. Vaak wordt het genre vermengd met andere zaken en in het geval van dit boek speelt de Bijlmer de tweede hoofdrol.  De ouderen onder ons zullen zich de Bijlmerramp van 1992 nog herinneren. Dit boek speelt zich daarvoor af, in de jaren zeventig. De Bijlmer bestaat in 2018 vijftig jaar!

Een Bijlmerliedje begint voor in de jaren zeventig, als het gezin van Sheila (de hoofdpersoon en brugklasser) naar de Bijlmer verhuist, om precies te zijn naar Dennenrode (het gebouw bestaat niet meer, is gesloopt) en eindigt acht jaar later als het gezin opnieuw verhuist. Daar tussenin vertelt Diana Tjin hoe Sheila langzamerhand weet uit te vinden wat ze wil en wie ze is. Ze is een meisje met Surinaamse wortels, met ook Chinees en joods bloed, net zoals de auteur. We mogen dus gerust aannemen dat veel in deze roman op autobiografische elementen berust.
Als belangrijkste motieven moeten zingeving en harmonie en de zoektocht daarna worden genoemd. Een voordeel van de Bijlmer is de aanwezigheid van vele rassen en culturen, zodat Sheila zich niet zo uitzonderlijk voelt. Meer zijn het andere zaken die haar onverholen aandacht hebben, zoals vriendschap en verliefdheid.
Daarnaast speelt, natuurlijk, de relatie met haar ouders een rol. Hoe ver kan ze gaan, waar liggen de grenzen? Ze beseft dat er zoiets als klassenverschil bestaat en er mensen zijn die het leuk vinden te discrimineren. Ze verzet zich daar heftig tegen. Ze is heel eerlijk en verwacht dat ook van anderen, maar wordt daarin vaak teleurgesteld. Dit soort zaken betreft niet alleen haar zelf: “Deze maatschappijkritische jongeren koesteren hun militante houding tegenover de gevestigde autoriteiten zorgvuldig. Nooit ofte nimmer zullen zij tot het establishment gaan behoren, zoals hun bourgeois ouders. Van ultralinks naar aartsconservatief zal niet de route zijn die zij gaan afleggen wanneer zij klaar zijn met school en hun studie. Wat iedereen ook beweert, bovenal hun ouders”.

Bijna al deze zaken spelen zich af tegen een muzikale achtergrond. Het gezin is fan van soulmuziek en er kan bijna geen moment voorbijgaan of er wordt wel een of ander nummer gedraaid. Sheila vindt er rust bij in haar hoofd en het maakt haar blij. De auteur heeft achterin het boek een lijstje opgenomen met alle songs die in de tekst worden genoemd. Het is (voor liefhebbers) aan te raden deze songs tijdens het lezen als achtergrondmuziek te gebruiken. Het zal blijken dat de levensechtheid van de protagonisten, die er eigenlijk altijd al is, nog eens een aantal malen versterkt wordt.

Diana Tjin is er goed in geslaagd een perfecte balans te vinden tussen de innerlijke roerselen en de uiterlijke gebeurtenissen. Daarbij staat de groei, zowel intellectueel als emotioneel in de schijnwerper. Een levensecht verhaal komt niet met zoetige oplossingen, maar de toch wel eigenzinnige Sheila heeft haar eigen moraal gevonden in het proces van zelfontdekking. Vele jongeren zullen zichzelf in Sheila of een van de andere figuren herkennen, ondanks het verschil in generatie. Dat is de kracht van de auteur. Nostalgie genoeg voor bekenden van de Bijlmer, waarvan de ontwikkeling, naast die andere, zeer realistisch wordt geschilderd.

Dat realisme komt ook tot uitdrukking in de dialogen. Zó werd er gesproken. Sheila wordt tegen haar wil vastgepakt door Clemens. Eric komt te hulp. Dan ontwikkelt zich de volgende dialoog: “Laat haar met rust, eikel. […] Hallo zeg, ik probeer het de dame juist naar de zin te maken. [Erik vraagt Sheila] Wil jij dit? Nee, nee, natuurlijk niet. […] Ze zegt dat je haar met rust moet laten. Opgehoepeld, wegwezen, mijn huis uit.” Veel heel gewone, soms humoristische en schijnbaar onbelangrijke voorvallen vormen samen het grotere geheel. Het wordt allemaal verwoord door de alleswetende verteller, die zelf objectief blijft, maar alle zielenroerselen van de protagonisten treffend weet neer te zetten.

De combinatie van comming-of-age, de Bijlmer en de soulmuziek, voor zover ik weet uniek, plaatst dit boek in de top van de literaire productie van de laatste tijd . Een tof boek voor jong tot oud!

Voor wie Diana Tjin (Amsterdam, 1961)) niet kennen. Ze studeerde Klassieke Talen aan de UvA en werkt als Erfgoed catalografe bij de Universiteitsbibliotheek. Dit is haar tweede roman. Haar eerste roman Het geheim van mevrouw Grünwald verscheen in 2017. Een oude vrouw vertelt over haar opsluiting in interneringskamp Copieweg in Suriname en de tijd na de Tweede Wereldoorlog in Amsterdam.

Kees de Kievid

 

Pin It

Comments are closed.

Boek van de Week

De vos heeft zijn streken niet verloren

Categorie: Boek van de week, Thrillers & Spanning

De Vos – Frederick Forsyth – vertaling: Guus van der Made – A.W. Bruna – 311 blz. Met De dag van de Jakhals (Nederlandse vertaling 1972) legde Forsyth (1938) het fundament van de ‘faction’-thriller. Het…

Boek van de week archief

9-maart-2019 | Lees verder | Reageer!